LUif ADMINISTRATIEBURO

Het beste

U moet doen waar u het beste in bent en dat doen wij ook!

Tenslotte bent u ondernemer en vakman, daarmee verdient u het meest. Het is duidelijk, u verdient niets met zaken die u beter aan een andere vakman kunt overlaten.

Wij doen dit al vanaf € 32,50 per uur! 

 

 


Denk na

Laat u niets wijs maken, u gaat toch niet betalen voor iets wat u zelf moet doen (bijvoorbeeld internet boekhouden). Die tijd kunt u beter besteden aan zaken waar u echt goed in bent, dat brengt tenminste wat op, of niet dan?


Ook All-in 

Inclusief:

* Complete administratie

* Loonaangiftes

* BTW aangiftes

* Aangifte inkomstenbelasting

 

Maak nu een afspraak voor een gratis kennismaking:


Unieke services: u wordt gaandeweg een expert

Kijk hieronder om op de hoogte blijven van nieuws op gebied van belastingzaken en ondernemerszaken. Op onze Twitter-pagina vindt  u  de meest actuele onderwerpen - vrijwel dagelijks bijgewerkt. Geen onzin, maar wetenswaardigheden waar u echt iets aan hebt.

Iedereen met interesse ontvangt regelmatig een nieuwsbrief die boordevol staat met interessante onderwerpen: vraag om deze nieuwsbrief per email.

Vraag ook naar onze gratis (Excel) software, al met al reden genoeg om contact met ons op te nemen!


Laatste Nieuws service

Bijgewerkt op  27-10-2020

Bron:

  • Redactie KVK
  • Bijgewerkt 27 okt 2020
  • 32 min lezen

KVK Corona regelingencheck

Op basis van een paar vragen, krijg je inzicht in de (fiscale) regelingen die mogelijk op jouw bedrijf van toepassing zijn. Het is een snelle check die leidt naar de voor jou belangrijkste regelingen. Niet alle regelingen zijn opgenomen en er blijven uitzonderingen.

Doe de regelingencheck.

De overheid heeft inmiddels meerdere regelingen opgetuigd om ondernemers te ondersteunen tijdens de coronacrisis. Met de regelingen kun je bijvoorbeeld inkomensondersteuning krijgen of tegemoetkoming in je loonkosten. Andere regelingen maken het makkelijker om aan krediet te komen. Het eerste pakket liep eind mei af, het tweede pakket liep tot eind september. Tot eind juni 2021 is het derde steunpakket van kracht.

Op 27 oktober heeft het kabinet aanpassingen van het derde steunpakket bekend gemaakt. Zo wordt de TVL in het vierde kwartaal van 2020 aangepast waardoor meer sectoren er gebruik van kunnen maken en zijn de aanvraagtermijnen voor verschillende kredietregelingen verruimd. Ook is de Corona-Overbruggingslening (COL) voor startups, scale-ups en innovatieve mkb’ers opnieuw opengesteld.

Let op: er zijn bedrijven die zich presenteren als overheidsinstantie, en die aanbieden om tegen betaling je aanvraag te regelen. Aanvragen bij bijvoorbeeld RVO, UWV en je gemeente kun je gewoon zelf doen. Aanvragen kosten geen geld.

NOW: tegemoetkoming in loonkosten

Met de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW) wil de overheid zoveel mogelijk werkgelegenheid behouden tijdens de coronacrisis. Werkgevers die structureel omzetverlies hebben en voldoen aan de voorwaarden, kunnen met de NOW een tegemoetkoming in de loonkosten krijgen. Doel is zoveel mogelijk werknemers aan het werk houden. Ook oproepkrachten, uitzendwerkers en payrollmedewerkers vallen onder de NOW.

NOW 2.0 is niet meer aan te vragen. De regeling is onder de naam NOW 3 verlengd van 1 oktober 2020 tot en met 30 juni 2021. Enkele voorwaarden zijn aangepast.

Subsidie voor het eerste tijdvak van de NOW 3 is met terugwerkende kracht vanaf 16 november aan te vragen bij het UWV. Op dit moment is de regeling dus gesloten.

Voor wie is deze regeling?

Deze NOW 3 is voor ondernemers met personeel die verwachten dat ze minimaal 20% minder omzet draaien over een periode van 3 maanden. Vanaf januari gaat die drempel van 20% omzetverlies omhoog naar 30%. Weten of je aan de voorwaarden voldoet en aanspraak kunt maken? Lees dan het uitgebreide artikel over de NOW.

Hoe doe ik een aanvraag?

UWV voert de NOW 3 uit vanaf 16 november. Je hebt straks voor de aanvraag geen eHerkenning nodig.

Tozo: inkomensondersteuning en leningen

De Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) is in het leven geroepen om zelfstandigen (inclusief zzp'ers) inkomensondersteuning te bieden om te zorgen dat ze in hun levensonderhoud kunnen voorzien. De regeling is onder de naam Tozo 3 verlengd van 1 oktober tot 1 april 2021. Enkele voorwaarden zijn bij Tozo 3 aangepast. Vanaf 1 april tot 1 juli 2021 geldt Tozo 4. Bij Tozo 4 wordt een vermogenstoets toegepast. Meer informatie over Tozo 4 wordt begin 2021 bekendgemaakt.

Hoe werkt deze regeling?

De uitkering voor levensonderhoud (max. 1.500 euro netto per maand) vult het inkomen aan tot het sociaal minimum. Een belangrijke voorwaarde hierbij is dat je totale inkomen als gevolg van de coronacrisis onder het bijstandsniveau is gekomen. Ook als je tevens salaris ontvangt uit loondienst en je totale inkomen daalt tot onder het bijstandsniveau, kom je aanmerking voor deze regeling. Mits je aan de voorwaarden voldoet. Op een lening voor bedrijfskapitaal kun je een beroep doen om liquiditeitsproblemen op te lossen.

Voor wie is deze regeling?

Deze regeling staat open voor zelfstandig ondernemers, waaronder zzp'ers, die in de knel komen door de coronacrisis. AOW’ers met een eigen bedrijf kunnen een beroep doen op een lening voor bedrijfskapitaal.

Wanneer je niet in Nederland woont maar in een ander EU-land, Noorwegen, IJsland, Liechtenstein of Zwitserland en in Nederland je bedrijf hebt (en sociale premies betaalt), kun je een beroep doen op een lening voor bedrijfskapitaal. Een aanvraag hiervoor kun je indienen bij de gemeente Maastricht.
Wanneer je bedrijf niet in Nederland is gevestigd maar in een ander EU-land, Noorwegen, IJsland, Liechtenstein of Zwitserland en je in Nederland woont, kun je een beroep doen op inkomensondersteuning.

Hoe doe ik een aanvraag?

Aanvragen doe je bij je woongemeente. Hiervoor is een digitaal formulier beschikbaar. Kijk hiervoor op de website van je gemeente.

Meer informatie over de regeling en de voorwaarden: Tozo: inkomensondersteuning en leningen.

TVL: tegemoetkoming vaste lasten

De Tegemoetkoming Vaste Lasten mkb (TVL) helpt mkb-bedrijven bij het betalen van een deel van hun vaste lasten, exclusief loonkosten. Onder meer huur, abonnementen, verzekeringen, worden met de TVL deels gedekt. De regeling loopt van 1 juni tot en met 30 september 2020 en is verlengd tot eind juni 2021.

Wat houdt de regeling in?

Ondernemers die meer dan een vastgesteld percentage omzetverlies hebben door de coronacrisis kunnen een tegemoetkoming krijgen. Het minimum is 1.000 euro, en deze tegemoetkoming kan oplopen tot 50.000 euro belastingvrij over 4 maanden. Dat bedrag wordt vanaf oktober verhoogd naar 90.000 euro. Het minimum bedrag wordt dan 750 euro.

Voor wie is deze regeling?

Mkb-bedrijven in sectoren die aanspraak op de TOGS konden maken, komen ook voor de TVL in aanmerking. Deze sectoren staan op de lijst met vastgestelde SBI-codes.
In het 4e kwartaal van 2020 kunnen alle mkb bedrijven met 30% omzetverlies de verlengde TVL-subsidie aanvragen. Er is geen beperking van SBI-codes, alleen krediet- en financiële instellingen zijn uitgezonderd. Let op: dit geldt alleen voor het 4e kwartaal. In kwartaal 1 en 2 van 2021 geldt de beperking van SBI-codes wel.

Hoe doe ik een aanvraag?

Aanvragen kan tot en met 30 oktober, 17.00 uur bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Aanvragen van de verlengde TVL-regeling voor het 4e kwartaal van 2020 kan vanaf half november 2020 tot en met 29 januari 2021.

Subsidie voor ondernemers en toeleveranciers evenementenbranche

Ondernemers en toeleveranciers in de evenementenbranche krijgen een subsidie. Het gaat om bedrijven die in de zomer TVL hebben ontvangen, maar de omzetdrempel van 30% niet halen in het 4e kwartaal. De subsidie wordt gebaseerd op hun TVL-subsidie in de zomermaanden. De regeling wordt nog verder uitgewerkt.

Aanvullende TVL-subsidie voor horeca

Verplicht gesloten horecaondernemingen ontvangen een eenmalige aanvullende subsidie bovenop de TVL-subsidie in het 4e kwartaal van 2020. Deze subsidie is niet bedoeld voor event-catering en hotel-restaurants.
De berekening van deze subsidie voor de gesloten horecaonderneming wordt nog uitgewerkt.

Meer informatie

Wil je meer weten over de TVL? Bekijk dan dit artikel.

BIK: tijdelijke korting op investeringen

Wat is dit voor regeling?

Met de Baangerelateerde investeringskorting (BIK) krijgen bedrijven een tijdelijke korting om tijdens de coronacrisis te kunnen blijven investeren in bedrijfsmiddelen, bijvoorbeeld machines. Kosten voor investeringen die tussen 1 oktober 2020 en 31 december 2022 zijn gedaan, kun je met de BIK verrekenen met de af te dragen loonheffing. De crisisregeling stopt na 2 jaar en is een aanvulling op al bestaande regelingen als de KIAEIAMIA en VAMIL.

Door de regeling aan de loonheffing te koppelen is eenzelfde investering voor alle bedrijven (met voldoende werknemers) gelijk, en niet alleen ten gunste van bedrijven die winst maken. In totaal is 4 miljard euro voor de regeling beschikbaar.

Waarom is deze regeling opgetuigd?

De verwachting is dat de private sector 10 miljard euro tijdens de coronacrisis minder investeert dan normaal. Met de regeling hoopt het kabinet de verwachte daling in investeringen deels op te kunnen vangen omdat bedrijven investeringen naar voren halen die anders zouden worden uitgesteld.

Voor wie is deze regeling?

De regeling geldt voor alle bedrijven. De verwachting is dat circa 60% van de BIK-afdrachtvermindering terechtkomt bij het mkb. Per jaar gaat het dus om 1,2 miljard euro.

Wat zijn de voorwaarden?

  • De investeringskorting geldt alleen voor nieuwe investeringen in bedrijfsmiddelen, waarvan de investeringsverplichting is aangegaan op of na 1 oktober 2020.
  • Investeringen binnen de BIK moeten tussen 1 januari 2021 en 31 december 2022 volledig zijn betaald en binnen zes maanden na die volledige betaling in gebruik zijn genomen.
  • Voor alle aanvragen geldt een ondergrens van € 1.500 per bedrijfsmiddel en € 20.000 per aanvraag.

Hoe hoog is de korting?

  • Bij investeringen tot 5.000.000 euro per kalenderjaar krijgen bedrijven een korting van 3% van het investeringsbedrag.
  • Bij investeringen boven € 5.000.000 krijgen bedrijven een korting van 2,44% van het investeringsbedrag.
  • Uiterlijk 15 december 2021 wordt bekendgemaakt of de kortingspercentages voor 2022 naar boven of beneden worden bijgesteld. Dat hangt af van de hoeveelheid aanvragen en het op dat moment beschikbare budget.

Hoe doe ik een aanvraag?

Aanvragen kan om uitvoeringstechnische redenen voorlopig nog niet. Begin oktober is de regeling voor goedkeuring naar de Tweede Kamer gestuurd. Vanaf september 2021 kun je met je aanvraag terecht bij RVO voor investeringen die vanaf 1 oktober 2020 zijn gedaan. Na je aanvraag duurt het maximaal 12 weken voor je een BIK-verklaring ontvangt. Met die verklaring kun je de korting verrekenen met de loonheffing. RVO voert de regeling samen met de Belastingdienst uit.

Sociaal pakket: 1,4 miljard euro

Het kabinet trekt 1,4 miljard euro uit voor een sociaal pakket om werkgelegenheid te behouden en creëren. Dit pakket is tot stand gekomen in overleg met vakbonden, werkgeversorganisaties, gemeenten en UWV. Zij werken het pakket de komende tijd verder uit.

De coronacrisis heeft grote gevolgen voor de arbeidsmarkt. In bepaalde sectoren verdwijnen banen. Dit kan langdurig of permanent zijn. Ook is sprake van een verschuiving van werkgelegenheid van de ene naar de andere sector. In sommige sectoren blijft de werkgelegenheid relatief ongemoeid of staan vacatures open.

Om werkzoekenden te ondersteunen investeert het kabinet in totaal 1,4 miljard euro in een sociaal pakket met 4 bouwstenen:

1. Intensieve ondersteuning en begeleiding naar nieuw werk (683 miljoen euro)

Het kabinet ondersteunt werkzoekenden waar dat nodig is. De inzet is dat zoveel mogelijk mensen direct van de ene naar de andere baan gaan, zonder in een uitkering terecht te komen. De ondersteuning en begeleiding bestaat uit verschillende onderdelen:

  • Ondersteuning via sectorale samenwerkingsverbanden. Aan werkenden die hun baan dreigen te verliezen kunnen samenwerkingsverbanden van sectoren, sociale partners, O&O fondsen en andere betrokkenen met cofinanciering maatwerktrajecten aanbieden. Het kabinet stelt hiervoor 72 miljoen euro beschikbaar. De maatwerktrajecten voorzien in scholing en bredere arrangementen gericht op ondersteuning van werkenden, zoals ontwikkeladvies en begeleiding naar ander werk in beroepen en sectoren waar kansen liggen.
  • Regionale mobiliteitsteams voor van-werk(loosheid)-naar-werk begeleiding. Hiervoor reserveert het kabinet in totaal 195 miljoen euro. Het geld zal onder andere ingezet worden voor bij- en omscholingstrajecten.
  • Investering in de dienstverlening van het UWV en gemeenten, om de verwachte hogere instroom van uitkeringsgerechtigden op te vangen. In totaal is hiervoor 331 miljoen euro beschikbaar. De financiële middelen worden ingezet voor re-integratietrajecten en werkzoekendendienstverlening.
  • Bijzondere aandacht is er voor zelfstandigen en werknemers met een arbeidsbeperking. Voor advisering aan ondernemers en begeleiding van werknemers naar ander werk is in totaal 43 miljoen euro beschikbaar.

2. Scholing en ontwikkeling voor behoud van werk (199 miljoen euro)

Een nieuwe toekomst zoeken of je aanpassen aan de nieuwe omstandigheden, betekent dat mensen zich moeten oriënteren op nieuw werk en soms hun expertise moeten aanpassen of hun competenties uitbreiden. Daarom wordt geïnvesteerd in (om)scholing en ontwikkeladviezen. De ondersteuning verloopt direct via het individu, de (toekomstige) werkgever of via sectoraal maatwerk.
Het eerder dit jaar gestarte programma NL Leert door krijgt volgend jaar een vervolg. In 2021 kunnen in totaal 40.000 werknemers, werkzoekenden, flexwerkers, zelfstandigen en zzp’ers voor ontwikkeladviezen gebruikmaken van deze regeling. Binnen deze regeling bestaat ook de mogelijkheid voor individuen om gratis deel te nemen aan online scholingstrajecten. Het kabinet gaat uit van tussen de 50.000 en 80.000 scholingstrajecten (eerste tranche). Deze scholingstrajecten gaan naar verwachting in het najaar van start. Het kabinet investeert met dit sociaal pakket nog eens extra in een tweede tranche van deze regeling. Dit komt naar verwachting neer op 80.000 trajecten.

3. Bestrijding van jeugdwerkloosheid (346 miljoen euro)

Schoolverlaters worden meer dan anderen geraakt door de afnemende werkgelegenheid, doordat zij zijn aangewezen op vrijkomende of nieuwe banen. Het kabinet zet dan ook in op het bestrijden van jeugdwerkloosheid. Voor elke arbeidsmarktregio is geld beschikbaar voor de coördinatie van een eigen regionale aanpak jeugdwerkloosheid. Deze aanpak zal in komende periode verder uitgewerkt worden.

4. Aanpak van armoede en schulden (146 miljoen euro)

Door de coronacrisis stijgt waarschijnlijk het aantal mensen in armoede en met problematische schulden waar ze niet zonder hulp vanaf komen. Daarom maakt het kabinet geld vrij om mensen via gemeenten te kunnen ondersteunen. Daarnaast wordt een waarborgfonds ingericht om mensen met problematische schulden te helpen.

Meer informatie over het sociaal pakket vind je bij het ministerie van Sociale zaken en werkgelegenheid.

KKC: Kleine Kredieten Corona Garantieregeling

De KKC is opgetuigd voor bedrijven die moeite hebben aan relatief klein krediet te komen. Doordat de staat met de KKC voor een aanzienlijk deel voor de leningen garant staat, is het risico voor banken en andere financiers om geld uit te lenen kleiner. Krediet krijgen is daardoor eenvoudiger.

Wat houdt de regeling in?

Binnen de KKC-regeling staat de overheid voor 95% garant voor leningen van 10.000 tot 50.000 euro, de rest van het risico ligt bij de financiers. Ondernemers betalen 2% vergoedingspremie aan de staat. Aan de regeling zijn enkele voorwaarden verbonden.

Hoe doe ik een aanvraag?

Aanvragen van de KCC-regeling doe je niet zelf. Je kunt een geaccrediteerde (toegelaten) financier (meestal je bank) vragen van de regeling gebruik te maken. Aanvragen kan tot en met 30 juni 2021. Meer over de aanvraagprocedure en de voorwaarden lees je hier.

BMKB-C: meer en sneller lenen bij banken

Met de BMKB-C regeling kunnen ondernemers sneller en gemakkelijker meer geld lenen. Dat kan uitbreiding van bestaande financiering zijn of een nieuw krediet. Je kunt daarbij denken aan een nieuw overbruggingskrediet of een rekening-courant krediet. De regeling is ook toepasbaar op overbruggingskredieten en rekening courant kredieten met een looptijd tot 4 jaar. De premie voor BMKB-C was 3,9%. Deze is verlaagd naar 2% bij een looptijd tot en met 8 kwartalen of 3% bij een looptijd van 9 tot en met 16 kwartalen.

Voor wie is deze regeling?

De regeling is bestemd voor ondernemingen met maximaal 250 werknemers (fte) met een jaaromzet tot 50 miljoen euro of een balanstotaal tot 43 miljoen euro. Enkele bedrijfsgroepen en financieringsdoeleinden zijn uitgesloten en hebben eigen regelingen. Ondernemers in de landbouw kunnen bijvoorbeeld gebruikmaken van de Borgstelling landbouwkredieten.

Hoe doe ik een aanvraag?

Aanvragen van de regeling doe je niet zelf, maar je kunt een geaccrediteerde financier vragen van de regeling gebruik te maken. Meestal is dat je bank. Om de procedure te versnellen heeft de overheid met banken afspraken gemaakt over de beoordeling van kredietaanvragen. Zij kunnen toepassing van BMKB-C daarom zonder tussenkomst van RVO afhandelen. Aanvragen kan tot eind 2021.

Meer informatie

Meer informatie over de inhoud van de regeling en de voorwaarden lees je in het artikel BMKB-C: borgstelling MKB-Kredieten verruimd.

GO-C: coronaregeling staatsgarantie op (middel)grote leningen

Voor wie is deze regeling?

Mkb’ers en grote bedrijven die in de kern gezond zijn en moeite hebben om bankleningen en –garanties te krijgen. Deze bedrijven kunnen gebruikmaken van de Garantie Ondernemersfinanciering-regeling, kortweg GO. Vanwege de coronacrisis is de GO-regeling verruimd met de GO-C module.

Met de verruiming zijn de staatsgaranties verhoogd, waardoor financiers minder risico lopen bij het verstrekken van krediet. Zo moet het voor mkb’ers en grote bedrijven die acute liquiditeitsbehoeften hebben als gevolg van de coronacrisis mogelijk blijven krediet te krijgen en blijven kredietstromen op gang.

Met GO-C kunnen bedrijven die vanwege hun omvang niet voor de BMKB-C in aanmerking komen toch gebruikmaken van een verruimde staatsgarantie. De GO-C module is ook voor landbouwbedrijven opengesteld.

Wat houdt de regeling in?

Binnen de regeling kunnen leningen tussen 1,5 miljoen en 150 miljoen euro per onderneming worden verstrekt. De looptijd is maximaal 6 jaar. Het GO-garantieplafond is met de GO-C verhoogd naar 10 miljard euro.

Met de GO-C module geeft de overheid een 80% garantie op bankleningen en bankgaranties voor grootbedrijven (omzet meer dan 50 miljoen euro) en 90% voor het mkb (omzet tot 50 miljoen euro). Binnen de reguliere GO-regeling is de staatsgarantie 50%. Bedrijven moeten onder meer bevredigende rentabiliteits- en continuïteitsperspectieven hebben om aanspraak te kunnen maken. Lees hier meer over de voorwaarden.

Hoe doe ik een aanvraag?

De verruiming van de regeling loopt via geaccrediteerde financiers, die de GO-C aanvragen bij uitvoeringsinstantie RVO.

Om gebruik te maken van de regeling meld je je bij je bank, die bepaalt of de aanvraag in behandeling wordt genomen. Maximaal 3 weken nadat de bank je aanvraag bij RVO heeft ingediend volgt een reactie van RVO. Daarna besluit de bank of het krediet wordt verstrekt. Financiers kunnen tot en met 30 juni 2021 een aanvraag doen bij RVO.

Meer informatie

Meer informatie vind je op Ondernemersplein: Garantie ondernemingsfinanciering (GO). Kijk ook op de website van RVO of bel het RVO-informatieloket: 088 04 22 500.

Herverzekering van kortlopende kredietverzekeringen

Veel mkb-bedrijven zoals winkels en horecazaken worden bevoorraad op basis van leverancierskrediet. Door de coronacrisis is het risico op wanbetaling echter sterk toegenomen en komt dit systeem in gevaar. De verzekeraars zien zich namelijk genoodzaakt de verzekeringslimieten voor ondernemers te verlagen of in te trekken. Om dat te voorkomen heeft het kabinet besloten het risico over te nemen van de kredietverzekeraars voor heel 2020.

De overheid staat garant voor 90% van de leverancierskredieten. Voor de eerste 1 miljard euro schade dragen kredietverzekeraars zelf 10% risico. Daarboven vergoedt de overheid 100% van de schade. Deze 10% (oftewel 100 miljoen) eigen risico wordt verdeeld over de verzekeraars naar rato van de uitstaande limieten per 31 december 2019. Schades die zijn uitgekeerd in de periode 1 januari – 1 maart worden niet vergoed door de overheid.
Zes verzekeraars hebben een overeenkomst gesloten met de Staat: Atridius, Coface, Euler Hermes, Nexus, Mercury en Credendo. Verzekeraars die nog niet in beeld zijn konden zich tot en met 30 juni aanmelden.

Door de overheidsgarantie hoeven kredietverzekeraars hun verzekeringslimieten niet te herzien en kunnen leveringen op krediet doorgaan. Elk jaar wordt voor 200 miljard euro aan leveringen op kredietbasis gedaan. Dat systeem werkt alleen als kortlopende betalingstermijnen (meestal 30 tot 60 dagen) zijn verzekerd (door kredietverzekeraars). Zonder overheidsingrijpen dreigen de leveringen aan 75.000 bedrijven tot stilstand te komen, met vele faillissementen en een groot verlies aan werkgelegenheid tot gevolg.

12 miljard euro

De garantie vanuit de Staat bedraagt 12 miljard euro. De maatregel is goedgekeurd door de Europese commissie.

Meer informatie vind je op de website van de rijksoverheid.

Qredits: rentekorting op microkredieten

Voor wie is deze regeling?

De rentekorting op microkredieten geldt voor klanten van Qredits. Qredits is er voor kleine ondernemers en zzp’ers.

Wat houdt de regeling in?

Qredits helpt bestaande klanten met microkredieten bij het dragen van hun financieringslasten. Je krijgt van Qredits 6 maanden uitstel van aflossing op bestaande leningen. De rente gaat in deze periode omlaag naar 2%. De maatregel is bedoeld om met name kleine ondernemers tegemoet te komen. Het kabinet ondersteunt Qredits voor deze maatregel.
Kleine ondernemers en zzp’ers die nog geen krediet hebben bij Qredits, kunnen daar terecht voor het aanvragen van een lening of overbruggingskrediet. Deze kun je aanvragen tot 31 december 2020.

Hoe doe ik een aanvraag?

Voor rentekorting op je bestaande microkrediet bij Qredits, of een nieuwe kredietaanvraag, kun je rechtstreeks bij Qredits terecht.

Meer informatie

Kijk voor meer informatie op Qredits.nl

Groeifaciliteit (GF): jaar later uitgefaseerd

De geplande uitfasering van de regeling Groeifaciliteit wordt met één jaar opgeschort tot 1 juli 2021. Groeifaciliteit is bedoeld voor ondernemers die risicodragend vermogen nodig hebben, bijvoorbeeld voor snelle groei, een bedrijfsovername of expansie in het buitenland. Met de Groeifaciliteit krijgt de financier van een onderneming 50% overheidsgarantie op achtergestelde leningen en op aandelen van participatiemaatschappijen. Opschorting is nodig om de doelgroep tijdens de coronacrisis te blijven helpen met het aantrekken van financiering.

Meer informatie over deze regeling vind je op Ondernemersplein en op de website van RVO.nl.

Invest-NL: Tijdelijke Overbruggingskrediet Programma innovatieve Start- en Scale-ups (TOPSS)

Voor innovatieve start- en scaleups met een financieringsbehoefte vanaf 2 miljoen is er het Tijdelijk Overbruggingskrediet Programma innovatieve Start- en Scaleups (TOPSS). Invest-NL stelt hiervoor 100 miljoen beschikbaar. Dit programma is opgezet door Invest.nl in samenwerking met Techleap.nl en de Regionale Ontwikkelmaatschappijen (ROM’s).

TOPSS biedt financiering vanaf 2 miljoen euro met co-financiering van professionele investeerders. Invest-NL financiert (in beginsel) maximaal 50% van de financieringsronde. Financiering wordt verstrekt in de vorm van een converteerbare lening. Het rentepercentage is 8%, en wordt betaald bij aflossing of als onderdeel van conversie. De looptijd van de lening is 3 jaar zonder aflossingsverplichting. Vervroegd aflossen is niet mogelijk. De afhandelingstermijn van de aanvragen bedraagt tussen de 3 en 5 weken. Invest-NL informeert je verder over de voorwaarden van TOPSS. Je kunt een aanvraag indienen via het door Techleap.nl en de ROM’s ingerichte gezamenlijke loket.

Net als voor Corona-Overbruggingslening (COL) gaan de aanvragen voor de TOPSS harder dan de beschikbare gelden. Bedrijven vroegen voor deze regeling - in de periode 29 april tot 13 mei - al voor 170 miljoen euro aan leningen aan. Ook voor de TOPSS-regeling is 100 miljoen euro beschikbaar.

Corona-Overbruggingslening

De COL-regeling voor startups, scale-ups en innovatieve mkb’ers was per 1 oktober jl. gesloten. Het kabinet heeft op 27 oktober bekend gemaakt dat deze regeling opnieuw wordt opengesteld tot en met 30 juni 2021. Startups, scale-ups en innovatieve mkb’ers, zonder kredietrelatie bij een bank, kunnen een aanvraag indienen voor een speciaal overbruggingskrediet, de zogenaamde Corona-Overbruggingslening (COL). Dit kan bij de Regionale Ontwikkelings Maatschappijen (ROM’s), die deze regeling op verzoek van het kabinet uitvoeren. De voorwaarden en de hoogte van het budget zijn nog niet bekend.

SEED Capital-regeling: 67,5 miljoen euro durfkapitaal voor startups

Vanaf 2 oktober kunnen startups een beroep doen op 67,5 miljoen euro aan durfkapitaal, verdeeld over 6 nieuwe investeringsfondsen. Met de regeling ondersteunt de overheid onder andere startups op technologisch (zoals hightech en eHealth) en creatief gebied bij het verkrijgen van risicokapitaal vanuit investeringsfondsen

Corona-overbruggingskrediet

Met het corona-overbruggingskrediet van maximaal 25.000 euro kunnen ondernemers hun vaste lasten betalen en op deze manier de coronacrisis overbruggen. Het krediet is niet bedoeld voor investeringen.

Wat houdt de regeling in?

Qredits helpt bestaande ondernemers met een krediet van 25.000 euro. De looptijd is maximaal 4 jaar. De eerste 6 maanden is er geen aflossing. De rente is 2% in het eerste jaar, daarna 5,75%.

Wat zijn de voorwaarden?

Het corona-overbruggingskrediet is bedoeld voor ondernemers die vóór 13 maart 2020 zijn ingeschreven in het KVK Handelsregister. De behandelkosten bedragen 275 euro.

Hoe doe ik een aanvraag?

Het corona-overbruggingskrediet vraag je aan bij Qredits. Aanvragen kan tot en met 30 juni 2021.

Meer informatie?

Kijk voor meer informatie op Qredits.nl.

Belastingdienst

De Belastingdienst heeft een flink aantal regelingen om de administratieve en financiële lasten voor ondernemers te verlichten. De tijdelijke maatregelen zijn onder meer gericht op uitstel van betaling van bijvoorbeeld inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting. Uitstel van verschillende belastingen kun je aanvragen via 1 formulier. Aanvragen van uitstel was mogelijk tot 1 oktober, voor een periode van 3 maanden. Heb je al eerder een uitstel van betaling aangevraagd? Dan kun je tot en met 31 december 2020 deze aanvraag verlengen.

Bij een aantal andere tijdelijke regelingen stelt de Belastingdienst zich coulanter op dan gebruikelijk, bijvoorbeeld bij de deblokkering van de G-rekening, het nagenoeg opschorten van de invorderingsrente en coulance voor ondernemers die hun administratieve verplichtingen ten aanzien van loonheffingen niet kunnen nakomen. Ook het urencriterium bij de ondernemersfaciliteiten (o.a. zelfstandigenaftrek, startersaftrek en meewerkaftrek) is versoepeld.

Aflossen belastingschuld

Heb je uitstel van betaling van belasting gekregen? Dan start je op 1 juli 2021 met het aflossen van de opgebouwde belastingschuld. Deze aflossing zal plaatsvinden in 36 maandelijkse termijnen. In het voorjaar van 2021 ontvang je van de belastingdienst een brief met een voorstel voor een betalingsregeling.

Geen uitstel

In juli hervatte de Belastingdienst een aantal taken. Ondernemers die geen lopend uitstel van betaling hebben, kunnen sinds juli weer betalingsherinneringen en aanmaningen krijgen. Sinds augustus verstuurt de Belastingdienst weer aankondigingen voor dwangbevelen, over schulden van vóór de coronacrisis. In september worden weer dwangbevelen verstuurd en dwanginvorderingen over eerdere jaren hervat.

Een overzicht van alle maatregelen lees je op de pagina Belastingmaatregelen in Coronatijd. De 'Routekaart hervatten uitvoering Ondernemers' is hier te vinden. Ook op Ondernemersplein vind je de nodige informatie.

Douane: coulanter met boetes, mogelijkheid tot betalingsuitstel

Door de coronacrisis kunnen veel bedrijven tijdelijk niet aan hun betalingsverplichtingen op grond van douaneregelgeving voldoen. Ook kunnen ze niet alle termijnen en douaneformaliteiten naleven. De (Nederlandse) Douane heeft daarom aangekondigd rekening te houden met de omstandigheden.

Concreet betekent dit voor bedrijven in nood dat uitstel van betaling mogelijk is. Douaniers gaan bovendien ‘coulant’ om met het opleggen van boetes. Dat wil zeggen: de Douane deelt geen boetes uit aan bedrijven die hun verplichtingen door de coronacrisis niet kunnen nakomen.

De Douane biedt maatwerkoplossingen aan bedrijven die niet kunnen voldoen aan de strikte wettelijke termijnen voor het invullen van de maandaangifte. Ook is de termijn geschorst voor lopende vergunningaanvragen die in verband met het coronavirus niet goed kunnen worden afgerond.

Alle aangekondigde maatregelen vind je op de website van de Nederlandse Douane: Douane ondersteunt ondernemers met maatregelenpakket.

SET COVID-19 2.0: subsidie voor digitale zorgtoepassingen

Aanbieders van zorg en ondersteuning vanuit de Wmo, wijkverpleging, huisartsenzorg en/of geestelijke gezondheidszorg kunnen vanaf 27 juli subsidie aanvragen voor digitale zorgtoepassingen via de SET COVID-19 2.0 regeling. De subsidieregling is bedoeld voor initiatieven voor digitale zorg op afstand. Je kunt bijvoorbeeld subsidie krijgen voor beeldschermzorg, zorgrobots en medicatiecontrole.

Zorgbedrijven met meer dan 50 cliënten kunnen de regeling via RVO aanvragen, ook als ze al eerder een aanvraag voor de SET-regeling hebben gedaan. Deze regeling volgt de Stimuleringsregeling E-Health Thuis (SET) op.

Wat houdt de regeling in?

Per aanvraag wordt tussen de 25.000 euro en 50.000 subsidie toegekend, waarvan je maximaal 40% mag inzetten voor de aanschaf, lease- en licentiekosten van e-health toepassingen. Ook kan je het subsidiebedrag inzetten om externen in te huren. Er is geen eigen bijdrage van toepassing. Voor de SET 2.0 is 77 miljoen euro beschikbaar. Daarvan is 53,7 miljoen euro voor de wijkverpleging, 23,3 miljoen voor huisartsenzorg, GGZ-organisaties en aanbieders van zorg en ondersteuning vanuit de Wmo. De subsidie is te gebruiken voor projectkosten, hulp van derden en technologie zoals licenties en apparatuur.

Al aan het begin van de coronacrisis werd de eerste SET COVID-19 opengesteld. Na enkele dagen werd de regeling weer gesloten. Er werden toen maar 460 subsidies toegekend, terwijl er meer dan 1700 aanvragen werden gedaan.

Hoe doe ik een aanvraag?

Je vraagt de subsidie aan op mijn.rvo.nl vanaf maandag 27 juli tot en met 30 november 2020, of totdat de subsidieplafonds zijn bereikt.

Kabinet: bonus voor zorgprofessionals

Zorgprofessionals krijgen in 2020 een netto bonus van 1.000 euro. Het gaat om werknemers en zzp’ers die in de zorg en ondersteuning werken, en die zich in de corona-tijd (1 maart tot 1 september 2020) hebben ingezet voor patiënten en cliënten en de effecten van corona hebben ondervonden. De bonus van 1.000 euro wordt belastingvrij uitgekeerd. De bonus is alleen bedoeld voor zorgprofessionals die als werknemer of als derde (bijvoorbeeld een zzp’er en uitzendkracht) werkzaamheden hebben verricht bij een zorgaanbieder. Ook schoonmaakpersoneel komt in aanmerking.

De voorwaarden van de regeling en hoe je deze aanvraagt lees je op de website van de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS).

Zorginstellingen kunnen een aanvraag indienen voor hun werknemers en zzp’ers. Aanvragen kan van 1 oktober tot en met 29 oktober 2020.

Zorgprofessionals krijgen in 2021 een bonus van 500 euro netto bovenop de bonus van 1.000 euro in 2020. Zorginstellingen kunnen deze bonus ook aanvragen bij dus-i, het loket van het ministerie van VWS.

BL-C: financiering voor land- en tuinbouw

Voor wie is deze regeling?

Deze regeling is er voor land- en tuinbouwbedrijven.

Wat houdt de regeling in?

De BL-regeling is verruimd met een borgstelling voor een overbruggingskrediet (BL-C) voor gezonde land- en tuinbouwbedrijven die zijn getroffen door de coronacrisis. Met de BL-C staat de overheid borg voor een overbruggingskrediet van maximaal 1,5 miljoen euro per bedrijf.

Heb je - sinds 2010 of later - een GL- of BL-Plus-lening met een MDV- of Groenlabelcertificaat? En heb je deze lening nog niet helemaal afgelost? Dan staat de overheid borg voor maximaal 2,8 miljoen euro.

De maximale looptijd van het BL-C-krediet is 16 kwartalen. Je kunt het krediet lineair aflossen of ineens aan het einde van de looptijd. Voor een starter/overnemer is de provisie 0,5%, voor andere bedrijven 1,5%. De borgstelling bedraagt 70%.

Hoe doe ik een aanvraag?

Aanvragen van deze regeling doe je niet zelf, maar via een aangewezen bank of financier. Deze kan een aanvraag voor je indienen bij RVO. Aanvragen kan tot en met 31 maart 2021.

Meer informatie

Meer informatie over de inhoud van de BL-C-regeling en de voorwaarden lees je op de website van RVO.

Zorgverzekeraars: maandelijkse bijdrage voor zorgaanbieders

Tandartsen, fysiotherapeuten en andere zorgaanbieders die niet direct betrokken zijn bij de zorg aan coronapatiënten kunnen van zorgverzekeraars een maandelijkse continuïteitsbijdrage krijgen. Zorgaanbieders ontvangen de bijdrage voor het deel van de omzet dat daalt door de coronacrisis. De bijdrage is gebaseerd op de normale omzet die zorgverzekeraars zouden vergoeden uit de basisverzekering en aanvullende verzekering, en ligt voor de meeste zorgaanbieders tussen 75% en 87%.

Voor wie is deze regeling?

De regeling is voor zorgaanbieders met een jaarlijkse omzet lager dan 10 miljoen euro. De financiële steun is bedoeld als compensatie voor omzetverlies tijdens de coronacrisis. Voor zorgaanbieders met een omzet hoger dan 10 miljoen euro volgt een aparte regeling.

De regeling geldt niet voor zorgaanbieders die direct betrokken zijn bij hulp aan coronapatiënten en andere acute zorg en voor Wlz‐gefinancierde langdurige zorg. Met hen zijn afzonderlijke afspraken gemaakt over compensatie van het omzetverlies en vergoeding van extra kosten die zorgaanbieders maken voor het leveren van zorg in verband met corona. De Nederlandse zorgautoriteit (NZa) heeft hiervoor een beleidsregel opgesteld die zorgkantoren de gelegenheid geeft om hierover met aanbieders afspraken te maken. De compensatie voor omzetverlies betrof de periode 1 maart tot en met 30 juni 2020 maar is inmiddels verlengd. Voor bijvoorbeeld de gehandicaptenzorg tot 1 augustus 2020 en voor de ouderenzorg tot 1 september 2020. De periode voor compensatie van de extra kosten loopt tot eind 2020. Meer hierover lees je op de website van de Rijksoverheid.

Wat houdt de regeling in?

Zorgverzekeraars verstrekken een maandelijkse continuïteitsbijdrage aan zorgaanbieders. De zorgverzekeraars willen met deze maatregel bereiken dat zorgaanbieders hun lopende kosten, zoals personeels- en huisvestingkosten, kunnen blijven opbrengen en op korte en langere termijn zorg kunnen blijven geven.

De bijdrage ligt voor de meeste zorgaanbieders tussen de 75% en 87% van de zorgkosten die onder normale omstandigheden door zorgverzekeraars wordt vergoed. Het precieze percentage verschilt per sector.

Inhaaleffecten

De continuïteitsbijdrage van de zorgverzekeraars hoef je principe niet terug te betalen, maar wordt wel verrekend met de productie in de maanden dat deze van toepassing is. Als je bovendien achteraf meer omzet draait door inhaaleffecten, wordt dat ook verrekend. Hiervoor is gekozen om ervoor te zorgen dat ‘de zorgkosten niet hoger zijn dan in de situatie zonder vraaguitval ten gevolge van de coronacrisis’, aldus de verzekeraars, die de bijdrages uit hun reserves betalen.

Wat zijn de voorwaarden?

Zorgaanbieders moeten zich in eerste instantie wenden tot zorgverzekeraars voor ze gebruik kunnen maken van coronaregelingen van het Rijk. Over de omzetdaling die overblijft na aftrek van de vergoeding voor zorgverzekeraars kun je wel een aanvraag doen voor een rijksregeling. Het gaat dan om het deel dat patiënten in een normale situatie zelf zouden betalen, in plaats van de verzekeraar.

Stelregel is: pas als zorgaanbieders niet in aanmerking komen voor de regeling van de zorgverzekeraars kunnen ze aankloppen bij de overheid. Als blijkt dat het inkomen onder het sociaal minimum blijft en zorgaanbieders aan de voorwaarden voldoen, kunnen ze bijvoorbeeld van de Tozo gebruikmaken. Als zorgaanbieders na de regeling van de zorgverzekering voldoen aan de voorwaarden van de NOW, kunnen zij zich melden bij het UWV om een aanvraag voor steun in te dienen. Ook kunnen enkele zorgaanbieders aanspraak maken op de TOGS.

Zowel gecontracteerde als niet-gecontracteerde zorgaanbieders komen in aanmerking als ze zorg verlenen die op dit moment valt onder de basisverzekering of de aanvullende zorgverzekering.

Hoe doe ik een aanvraag?

De continuïteitsbijdrage aanvragen kon tot en met 14 juli 2020. Voor aanbieders van wijkverpleging, geriatrische revalidatiezorg en eerstelijnsverblijf is de regeling verlengd tot 1 november. Voorwaarde is wel dat zorgaanbieders uit deze branches in de eerste periode tot en met 14 juli ook een bijdrage hadden aangevraagd.

Meer informatie

Op de website van Zorgverzekeraars Nederland lees je meer over deze financiële steun.

Rijksoverheid: steunfonds voor lokale en regionale media

Voor lokale en regionale media is het Tijdelijk Steunfonds Lokale Informatievoorziening verlengd tot eind 2020. Lokale media hebben hun reclame-inkomsten enorm zien teruglopen en beschikken doorgaans over weinig reserves. Met de verlenging, waar 24 miljoen euro mee gemoeid is, wil het kabinet de lokale informatievoorziening ook de komende maanden op peil houden.

Het steunfonds bestaat sinds begin april. Sinds half mei kunnen ook lokale nieuwsbladen, huis-aan-huiskranten met een lagere verschijningsfrequentie dan tweewekelijks en lokale nieuwswebsites een aanvraag doen. In totaal hebben 181 lokale publieke omroepen en 410 huis-aan-huiskranten van het fonds gebruikgemaakt voor de periode 15 maart tot en met 15 juni. Aanvankelijk was 11 miljoen euro voor het fonds beschikbaar. De hoogte van een bijdrage uit het fonds hangt af van bereik en oplage.

Inschrijvingen voor de periode tot half september zijn nu gesloten. In september kun je een aanvraag doen voor de periode van 15 september tot en met 31 december 2020.

Rijksoverheid: 482 miljoen euro extra steun cultuursector en 40 miljoen voor vrije theaterproducenten

De culturele sector krijgt 482 miljoen euro extra steun, bovenop het eerdere steunpakket cultuur en de generieke kabinetsmaatregelen. Doel is de werkgelegenheid in deze sector te behouden en ervoor te zorgen dat cultuurinstellingen kunnen investeren in het komende culturele seizoen.

De extra subsidie is onder meer bedoeld voor instellingen die essentieel zijn voor de sector als geheel. De gedachte daarbij is dat als die organisaties de coronacrisis goed doorkomen ze daarna de opdrachtenstroom ook richting zzp’ers weer op gang kunnen brengen.

Verdeling

Het extra geld wordt over verschillende onderdelen verspreid:

  • € 200 miljoen gaat naar culturele instellingen die van cruciaal belang zijn voor de landelijke infrastructuur, maar ook naar individuele kunstenaars en creatieve professionals. De exacte invulling van de 200 miljoen wordt nog uitgewerkt.
  • € 14 miljoen is voor een half jaar overbrugging voor instellingen met een positieve beoordeling voor de BIS en meerjarige fondssubsidies, waarvoor geen budget beschikbaar was.
  • € 20 miljoen is beschikbaar voor het behoud van private musea en kunstcollecties van nationaal belang.
  • € 15 miljoen gaat naar het behoud van het varend erfgoed (de zgn. bruine vloot).
  • € 15 miljoen is gereserveerd voor een garantiefonds voor filmproducties en het opstarten van pilots om wendbaarheid en weerbaarheid van de sector te vergroten.
  • € 150 miljoen gaat naar gemeenten, zodat zij de cruciale lokale culturele infrastructuur kunnen ondersteunen.

Ondernemers in de cultuursector konden al aanspraak maken op de algemene coronaregelingen Daarnaast is afgesproken dat de huur van door het Rijk gesubsidieerde musea tijdelijk wordt opgeschort. Ook blijven subsidies doorlopen. Daarnaast is er een voucherregeling voor de cultuursector, waardoor geld voor toegangskaartjes zoveel mogelijk in de sector blijft.

40 miljoen voor vrije theaterproducenten

Het kabinet maakt 40 miljoen euro vrij voor het niet-gesubsidieerde deel van de culturele sector, zoals de vrije theaterproducenten. Hiermee worden zij voor een deel gecompenseerd voor gemaakte kosten voor ‘weggegooide’ producties (gemaakte kosten voor scenario’s, decors, acteursrepetities) die door de sluiting van theaters niet meer kunnen worden ingehaald. En zij kunnen opnieuw investeringen doen voor nieuwe en bestaande producties.

Rijksoverheid: 60 miljoen voor sportverenigingen

Het kabinet trekt 60 miljoen uit om financiële schade van amateursportverenigingen te compenseren. De regelingen Tegemoetkoming Verhuurders Sportaccommodaties (TVS) en Tegemoetkoming Amateursportorganisaties (TASO) worden opnieuw opengesteld van 1 oktober tot en met 31 december 2020. Meer details worden later bekend gemaakt.

Rijksoverheid: 1,5 miljard euro steun voor OV

Ook het openbaar vervoer is financieel geraakt door corona. Maandenlang hebben weinig mensen gebruik gemaakt van het OV, terwijl de kosten doorlopen en extra maatregelen nodig zijn. Belangrijk dat het openbaar vervoer voor iedereen beschikbaar blijft, ook voor zakelijk, sociaal en woon-werk verkeer. Het kabinet maakt 1,5 miljard euro vrij om te zorgen dat het OV kan blijven rijden en mensen veilig kunnen reizen. De beschikbaarheidsvergoeding is bedoeld voor al het openbaar vervoer in Nederland. Het Ministerie van OCW en de decentrale overheden betalen de gemaakte concessieafspraken en OV-studentenkaart door. De NS, het stads- en streekvervoer en de Friese Waddenveren betalen zelf maximaal 7% van de kosten. De kostendekkingsgraad komt voor het OV uit op 93%. OV-bedrijven die kunnen aantonen dat zij om bedrijfseconomische redenen de dienstregeling moeten afschalen worden tot maximaal 95% gecompenseerd.

Voorwaarden voor de beschikbaarheidsvergoeding: vervoerders keren geen dividend uit en betalen geen bonussen of ontslagvergunningen aan bestuurders.

Kickstartvoucher: 2500 euro voor extern advies internationale zaken

Zijn je activiteiten in het buitenland geraakt door de coronacrisis? Met de Kickstartvoucher kun je een externe adviseur betalen. De adviseur helpt om de gevolgen voor je bedrijf in het buitenland te beperken.

Je kunt de Kickstartvoucher gebruiken om bijvoorbeeld je internationale productie te verbeteren, een nieuw internationaal sales- of marketingplan te maken of nieuwe verdienmodellen te onderzoeken. 80% van de kosten voor de externe adviseur wordt vergoed, tot een maximum van 2.500 euro exclusief btw.

Het kabinet steunt ondernemers die internationaal actief zijn. Zodat jij kunt werken aan de opbouw of herstel van jouw marktpositie.

Hoe werkt deze regeling?

De Kickstartvoucher is een online voucher, waarmee je een zelfgekozen adviseur betaalt. Na afronding van het werk van de externe adviseur draag je de Kickstartvoucher digitaal over aan de adviseur. De adviseur levert de voucher digitaal in bij RVO. Vervolgens betaalt RVO de voucherwaarde rechtstreeks uit aan de adviseur. Je betaalt zelf 20% van de kosten.

Voor wie is deze regeling?

De regeling is voor Nederlandse mkb’ers. Ook ondernemers uit het Caribische deel van het Koninkrijk kunnen de voucher aanvragen. Als je al actief bent in het buitenland en je buitenlandse activiteiten zijn geraakt door de coronacrisis, dan kan je de voucher ook gebruiken. RVO verstrekt 1 Kickstartvoucher per mkb-onderneming.

Hoe doe ik een aanvraag?

Aanvragen kan vanaf 26 juni bij RVO. Kijk voor de voorwaarden op RVO.

Pensioenfondsen: soepeler opstelling binnen wettelijke kaders

De pensioensector heeft aangekondigd bij te willen dragen, maar laat weten daar door wettelijke voorschriften beperkt ruimte voor te hebben. Werkgevers die door de coronacrisis zijn getroffen kunnen zich melden voor een mogelijke betalingsregeling. Ook is het maken van afspraken over een soepeler betalingstermijn bespreekbaar, maar wel binnen de wettelijke mogelijkheden. Daarnaast kan het invorderingsbeleid bij het innen van de premies worden versoepeld, bijvoorbeeld door geen incassobureaus in te schakelen of administratieve boetes op te leggen.

De Stichting van de Arbeid, de Pensioenfederatie en het Verbond van Verzekeraars melden in een gezamenlijk persbericht dat de problemen per werkgever en sector verschillen. Er wordt daarom ‘maatwerk geboden’ op basis van ‘oplossingsrichtingen’. “De ruimte voor dat maatwerk is op dit moment nog beperkt, door wettelijke voorschriften ten aanzien van invorderingsinspanningen en betalingstermijnen.”

Tegemoetkoming gemeenten: compensatie en geld voor SW-bedrijven

Het kabinet steunt gemeenten, provincies en waterschappen met een pakket van 566 miljoen euro. 225 miljoen daarvan is bedoeld als compensatie voor sterk teruggelopen inkomsten. Gemeenten krijgen sinds de coronacrisis bijvoorbeeld veel minder toeristenbelasting en parkeerbelasting. Met de steun moeten de lokale overheden hun dienstverlening op peil kunnen houden.

Gemeenten verstrekken twee derde van de subsidie voor onder andere muziekscholen, musea, stadsschouwburgen, filmhuizen en festivals. Om dit te waarborgen wordt 60 miljoen euro uitgetrokken voor de periode maart t/m juni 2020.

Daarnaast worden gemeenten onder meer gecompenseerd voor het kwijtschelden van huur aan sportverenigingen en de extra kosten voor de noodopvang voor kinderen met een cruciaal beroep.

Voor sociale werkbedrijven is 90 miljoen euro gereserveerd voor de periode 1 maart 2020 tot en met 1 juni 2020. SW-bedrijven krijgen van gemeenten geld als zij financiële tekorten hebben.

EU: economisch noodpakket 540 miljard euro en herstelfonds 750 miljard euro

De EU komt met een economisch noodpakket van 540 miljard euro om de coronacrisis te bestrijden. Daarvan komt 240 miljard euro uit het Europese noodfonds ESM. Het fonds is bedoeld voor directe en indirecte kosten voor de gezondheidszorg van lidstaten. De Europese Investeringsbank zet daarnaast een garantiefonds op van 200 miljard euro voor ondernemerskredieten voor met name het mkb. Door de garantie van het EIB kunnen banken met minder risico geld uitlenen aan bedrijven. Bovendien komt er een fonds van 100 miljard euro dat bedoeld is voor werktijdverkorting.

Daarnaast trekt de Europese Commissie 750 miljard euro uit om de economische gevolgen van de coronacrisis op de langere termijn te bestrijden. Hierover zijn de 27 EU-regeringsleiders het op 21 juli 2020 eens geworden. Het herstelfonds Next Generation EU bestaat voor 360 miljard euro uit goedkope leningen en voor 390 miljard euro uit giften zodat landen hun economieën kunnen stimuleren. De leningen moeten uiterlijk in 2058 zijn terugbetaald. Landen die gebruik maken van het herstelfonds moeten hervormingsplannen bij de Europese Commissie indienen. De Commissie geeft pas groen licht aan de steun als de plannen voldoen. De plannen vereisen unanieme parlementaire goedkeuring van de 27 lidstaten en het Europees Parlement.

De Europese Centrale Bank en andere toezichthouders zorgen dat banken goedkoper geld kunnen lenen van de ECB, dat ze daarna weer aan hun klanten kunnen lenen. De ECB koopt dit jaar voor honderden miljarden euro’s extra bedrijfs- en staatsobligaties op om de economie te stimuleren.

Zwaar weer, wat kun je zelf doen?

Een aantal dingen kun je, in een normale situatie, zelf doen als je in zwaar weer terechtkomt. Hoewel de situatie nu niet bepaald normaal te noemen is, zetten we je opties toch onder elkaar:

  • Kijk eerst of er mogelijkheden zijn om veranderingen in je bedrijf door te voeren. Misschien kun je producten van andere leveranciers (uit andere landen) betrekken of jouw diensten in een andere regio aanbieden.
  • Ook kun je wellicht geld uit je bedrijf vrijmaken door uitstaande facturen te innen. Ook kun je factoring overwegen, een kredietvorm waarbij je relatief snel betaald krijgt. Bespreek ook of je afspraken kunt maken met je schuldeisers over een langere betalingstermijn dan gebruikelijk.
  • Bekijk of externe financiering mogelijk is. Informeer altijd eerst bij je eigen bank naar de mogelijkheden (bijvoorbeeld rekening courant) voordat je overige financieringsvormen overweegt.

Let op! Je kunt er ook voor kiezen snel geld te lenen met een flitskrediet. Dan krijg je snel geld op je rekening, maar snelheid heeft zijn prijs. Lees hier meer over wat je kunt doen als je bedrijf in de schulden zit.

Meer informatie

De meest actuele informatie over o.a. het coronavirus en de voorzorgsmaatregelen is te vinden op de RIVM-site. Bij de Rijksoverheid kun je natuurlijk terecht voor informatie over de aanpak van het virus, de laatste updates en de belangrijkste vragen. Het publieksinformatienummer van de overheid is 0800 - 1351.

Je kunt met al je vragen over corona terecht bij het Coronaloket van KVK.

Bekijk hier op welke regelingen je aanspraak kunt maken.

Financiële tegemoetkoming

 

Werkgelegenheids- en scholingsregelingen

 

Financierings- en/of kredietregelingen

 

Belastingmaatregelen

 

Sector- en branchespecifieke regelingen

 

Overig

 

 

 

 

1-10-2020

Bron: Kamer van Koophandel

 

Het coronavirus: overzicht maatregelen

  • Redactie KVK
  • Bijgewerkt 1 okt 2020

Per 29 september, 18.00 uur gelden nieuwe landelijke maatregelen om de verspreiding van het coronavirus terug te dringen. Horecabedrijven moeten om 22.00 uur sluiten en contactberoepen krijgen een registratieplicht voor hun klanten. Thuiswerken blijft de norm, behalve als het niet anders kan. Sportwedstrijden zijn zonder publiek. Het kabinet evalueert na 3 weken het effect van de extra maatregelen.

Landelijke maatregelen

Per 29 september 18:00 uur gelden de volgende maatregelen:

Horeca

  • Horecabedrijven sluiten uiterlijk om 22.00 uur. De laatste inloop is tot 21.00 uur. Horecabedrijven ontvangen gasten binnen én buiten, ongeacht de omvang van de horecagelegenheid, op basis van reservering (van tevoren of aan de deur), een gezondheidscheck en het toekennen van een vaste zitplaats (placering) aan een tafel of aan de bar.
  • Reservering kan voor maximaal 4 personen, tenzij het om een huishouden gaat dat uit meer dan 4 personen bestaat. Kinderen tot en met 12 jaar worden niet meegerekend. Een reservering in een restaurant of bioscoop kan dus voor 1 huishouden of maximaal 4 personen. Het maximum aantal personen waaruit een gezelschap kan bestaan is 4, het maximale aantal personen binnen is 30. Feesten en partijen in een zalencentrum kunnen dus niet plaatsvinden. Dit geldt voor binnen en buiten.
  • Alle bezoekers wordt gevraagd zich te registreren. Bezoekers laten naam en contactgegevens achter zodat de GGD contact kan opnemen bij een besmetting die verband houdt met de horecagelegenheid. Dit geldt ook voor zalencentra en feestlocaties. Registratie is vrijwillig. Als een gast zich niet wil registreren, kan de toegang niet geweigerd worden.
  • Afhaalrestaurants sluiten uiterlijk om 02.00 uur. Na 22.00 uur mag hier geen alcohol meer verkocht worden.
  • Bij constatering van bronbesmetting door GGD, leggen voorzitters veiligheidsregio een sluiting van maximaal 14 dagen van recreatieve instellingen (zoals bioscopen, horecaondernemingen, pretparken, theater, musea, enzovoorts) op.

 

Thuis en werk

  • Het kabinet raadt bezoek thuis voor grote groepen af. Het dringende advies is: beperk bezoek thuis of in de tuin tot maximaal 3 gasten, en houd hierbij 1,5 meter afstand. Kinderen tot en met 12 jaar worden niet meegerekend.
  • Werk thuis, tenzij dit echt niet mogelijk is.

 

Sport

  • Sportwedstrijden voor professionals en amateurs zijn zonder publiek.
  • Sportkantines zijn gesloten.

 

Samenkomsten binnen

  • Samenkomsten binnen zijn toegestaan voor maximaal 30 personen (exclusief personeel) opgedeeld in groepjes van maximaal 4 personen. Er geldt dat 1,5 meter afstand gehouden moet worden. Een andere voorwaarde is dat er gewerkt wordt met reserveringen. Deelnemers moeten vooraf op gezondheid worden gecheckt. Uitzonderingen zijn er voor bijvoorbeeld uitvaarten kinderopvang, trainingsinstellingen, luchthavens, sportgelegenheden en scholen. Lokaal kunnen er uitzonderingen worden gemaakt voor culturele instellingen. En er zijn uitzonderingen voor samenkomsten binnen bedrijven tot maximaal 100 personen per zelfstandige werkruimte, die nodig zijn voor de continuering van de bedrijfsvoering.
  • Voor musea, monumenten, bibliotheken (met uitzondering van winkels en markten) en andere locaties met doorstroom van bezoekers geldt geen maximum aantal personen, zolang er maar aan de 1,5 meterregel wordt voldaan. Bezoekers reserveren vooraf een tijdvak. Veiligheidsregio’s bepalen in overleg met de locatie hoeveel bezoekers tegelijk kunnen worden toegelaten op basis van de oppervlakte en de mogelijkheid om 1,5 meter afstand te houden.
  • Winkeliers moeten een deurbeleid voeren om te zorgen dat klanten 1,5 meter afstand houden. Grotere winkels in de levensmiddelenbranche regelen verplicht 2 keer per dag winkeluren voor ouderen en kwetsbare personen.

 

Samenkomsten buiten

  • Voor samenkomsten in de buitenlucht geldt een maximum van 40 personen, inclusief kinderen tot en met 12 jaar en exclusief eventueel personeel.
  • Voor dierentuinen, pretparken, markten en andere buitenlocaties met een continue doorstroom van bezoekers geldt een norm voor het aantal bezoekers per vierkante meter. Veiligheidsregio’s bepalen in overleg met de locatie hoeveel bezoekers tegelijk kunnen worden toegelaten op basis van de oppervlakte en de mogelijkheid om 1,5 meter afstand te houden.

 

Overig

  • Contactberoepen moeten de contactgegevens van hun klanten registreren.
  • In andere gebouwen dan de eigen woning en buiten mag een groepje gevormd worden met maximaal 4 personen. Tenzij je huishouden uit meer personen bestaat. Kinderen tot en met 12 jaar tellen niet mee. Reserveren in een restaurant of bioscoop kan dus voor 1 huishouden of maximaal 4 personen.
  • Het meewerken aan bron- en contactonderzoek is minder vrijblijvend geworden.
  • Reizigers die uit risicogebieden komen, moeten meewerken aan registratie en quarantaine.
  • Discotheken, nachtclubs en vergelijkbare dansgelegenheden blijven voorlopig gesloten.
  • De thuisquarantainetijd is 10 dagen.

 

Algemene adviezen

  • Houd minimaal 1,5 meter afstand tot elkaar.
  • Vermijd drukte.
  • Reis zo min mogelijk en zoveel mogelijk buiten de spits.
  • Werk thuis, tenzij het niet anders kan.
  • Verkoudheidsklachten, zoals neusverkoudheid, loopneus, niezen, keelpijn, lichte hoest of verhoging? Blijf thuis en ziek uit.
  • Was je handen, schud geen handen en hoest en nies in de binnenkant van je ellenboog.

 

Regionale en lokale maatregelen

Extra lokale en regionale maatregelen zijn in te zien bij de veiligheidsregio’s. Een aantal veiligheidsregio’s adviseert om mondkapjes te dragen in openbaar toegankelijk ruimtes, zoals winkels in. Winkeliers mogen klanten weigeren die geen mondkapjes dragen. Deze regio’s adviseren mensen met contactberoepen mondkapjes te gebruiken.

Regelingen steunpakket

Om ondernemers tijdens de coronacrisis tegemoet te komen is een uitgebreid regelingenpakket opgetuigd. Lees alles hierover over op onze regelingenpagina.

Internationale ontwikkelingen

De ons omringende landen nemen ook maatregelen om het virus te beteugelen. De zwaarte van de maatregelen verschilt per land, net als het moment en de aard van eventuele versoepelingen.

Sinds half juni is het reisadvies voor veel landen in het Schengengebied of de EU geel (let op: veiligheidsrisico’s). Als het risico toeneemt, wordt het advies waar nodig opnieuw aangepast naar oranje (alleen noodzakelijke reizen).

Nieuw grensbeleid

Sinds 1 juli is een nieuw Europees grensbeleid van kracht. Inwoners van een beperkt aantal landen buiten Europa zijn weer welkom in Europa. Dit geldt dus ook voor Nederland. De lijst met landen is niet definitief. Elke 2 weken wordt opnieuw bezien of deze nog actueel is en worden landen toegevoegd of eventueel verwijderd. Dit is afhankelijk van de gezondheidssituatie (COVID-19) in de landen.

Inreisverbod

Voor inwoners uit landen die niet op deze lijst staan geldt dus een inreisverbod. De impact van het inreisverbod is groot. Vanwege deze grote negatieve impact, het maatschappelijk en economisch belang en de lange duur van het inreisverbod, heeft de ministerraad besloten om uitzonderingen toe te staan voor specifieke categorieën. Het kabinet heeft besloten om de inreisbeperking te versoepelen van reizigers die een belangrijke bijdrage leveren aan het bedrijfsleven, onder andere voor het midden en klein bedrijf, en de Nederlandse topsport. Aan deze versoepeling worden strikte voorwaarden en kaders gesteld. Zo blijven de leefregels voor thuisquarantaine onverminderd van kracht.

Het kabinet kijkt ook naar een versoepeling van de inreisbeperkingen voor hoog kwalificeerde professionals uit de culturele en creatieve sector, journalisten en onderzoekers. De voorwaarden hiervoor worden uitgewerkt.

Thuisquarantaine

Gezien de duur van de crisis en de maatschappelijke gevolgen en gevolgen voor professionele beroepsuitoefening die de thuisquarantainemaatregel met zich mee brengt heeft het kabinet ook verkend welke groepen zij op dit moment kan toevoegen aan de bestaande uitzonderingscategorieën op de thuisquarantaine.

Het kabinet heeft besloten de volgende reisdoelen toe te voegen aan de bestaande uitzonderingen op de thuisquarantainemaatregel; noodzakelijke dienstreizen van leden van een regering en/of ambtenaren, deelname aan topsport, noodzakelijke reizen waarmee aantoonbaar een bijdrage wordt geleverd aan het belang van de Nederlandse economie en samenleving, journalistiek, studeren over de grens (Grensstudenten), onderzoek of professionele culturele activiteiten. De gering zal deformulering van deze reisdoelen nog nader specificeren zodat voor iedereen helder is wanneer sprake is van een reisdoel waarvoor je de thuisquarantaine mag verlaten.

Meer informatie

Op zoek naar informatie per land? Houd de website Nederlandwereldwijd.nl in de gaten voor het meest actuele reisadvies of gebruik de Reisapp van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

RVO geeft antwoord op veelgestelde vragen over onder andere werken over de grens, reizen en handelen met anderen landen, zoals:

 

Criminelen maken misbruik van coronacrisis

Bij KVK zijn meldingen bekend over criminelen die proberen geld aan de coronacrisis te verdienen. Dat gebeurt op verschillende manieren: van inbreken in leegstaande bedrijfspanden tot de verkoop van coronagoederen op nepwebsites en phishing. Waar moet je op letten? Zorg ervoor dat criminelen geen kans krijgen.

Er zijn bedrijven die zich presenteren als overheidsinstantie, en die aanbieden om tegen betaling je aanvraag te regelen. Aanvragen bij bijvoorbeeld RVO, UWV en je gemeente kun je gewoon zelf doen. Aanvragen kosten geen geld.

Veelgestelde ondernemersvragen

Dagelijks bellen honderden ondernemers het KVK Coronaloket met vragen over regelingen, personeel, sluitingsregels, etc. Bekijk het overzicht met de belangrijkste vragen en antwoorden voor ondernemers.

Actuele informatie over het virus

In het dashboard van The Johns Hopkins Center for Systems Science and Engineering zie je statistieken en cijfers over de verspreiding van het virus wereldwijd.

De meest actuele informatie over het coronavirus in Nederland vind je bij RIVM. Bij de Rijksoverheid kun je terecht voor informatie over de aanpak van het virus, de laatste updates en vragen op meerdere gebieden. Het publieksinformatienummer van de overheid is 0800 - 1351.

Je kunt met al je vragen over corona terecht bij het KVK Coronaloket.

Redactie KVK

De KVK-redactie verzorgt en publiceert inspirerende informatieve artikelen voor ondernemers op KVK.nl, waaronder interviews en how to’s.

 

Met vriendelijke groet,

Lajos Luif

 

Tel 0413-332442

 

   

Ga naar onze website     Klik om het allerlaatste nieuws te zien op onze Twitter-pagina: http://www.twitter.com/luif_admburo

 

De informatie verzonden met deze e-mail is uitsluitend bestemd voor de geadresseerde(n). Gebruik van deze informatie door anderen, alsmede openbaarmaking, vermenigvuldiging, verspreiding en verstrekking ervan aan derden, is zonder toestemming van Luif Administratieburo niet toegestaan. Luif Administratieburo aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade, van welke aard ook, die verband houdt met de risico's verbonden aan het elektronisch verzenden van berichten.

 

 

Box 3: dit kost het u in 2022

Mogelijk gaan we over twee jaar een stuk minder belasting betalen over ons spaargeld en stijgt de belasting op ander box 3-vermogen. Wat dit concreet voor u betekent, berekent u met onze calculator.

Ja, de box 3-heffing is voor spaarders onredelijk hoog. Dat heeft het kabinet inmiddels ook ingezien, al moest daarover wel eerst tot aan het Europese hof voor de mensenrechten worden geprocedeerd. En dus gaat box 3 stevig op de schop. Naar verwachting zal een daartoe strekkend wetsvoorstel binnen enkele maanden bij de Tweede Kamer worden ingediend. Als dat wordt aangenomen, wordt het spaarvermogen in box 3 straks niet langer belast met een te hoge heffing. Hoe dat precies in zijn werk gaat, heeft u al kunnen lezen in ons artikel ‘Spaartaksplannen: een verbetering?’ (FiscAlert oktober 2019, jrg 25 nr 8, p.20-22, online op www.fiscalert.nl ➤ fiscaal; een korte samenvatting geven we in het kader ‘2020 vs 2022’). Uit de reacties die we naar aanleiding van dit artikel kregen, bleek dat u graag wilt weten wat dat in uw situatie concreet betekent. Dat snappen we. Daarom hebben we een calculator ontwikkeld die in één oogopslag laat zien hoe groot het verschil is.

2020 en 2022
Van 2001 tot en met 2016 was het fictieve rendement voor het hele box 3-vermogen gesteld op 4 procent. Inmiddels zijn er — na veel druk vanuit politiek en samenleving — drie fictieve rendementsschijven gekomen, waardoor de onevenredig zware belasting op spaargeld bij kleinere vermogens iets is teruggenomen. Toch doet het er op dit moment nog steeds niet toe of u met uw box 3-vermogen spaart, belegt of een tweede woning heeft. Sparende huishoudens met grotere box 3-vermogens leiden nog steeds zeer concrete en zeer forse verliezen door de fictieve rendementsaannames.
Omdat de druk om hier wat aan te doen door de gevoerde procedures fors is toegenomen, heeft het kabinet een flinke wijziging voorgesteld die per 2022 moet worden ingevoerd. Op basis van deze plannen wordt straks onderscheid gemaakt tussen twee categorieën box 3-vermogen: ‘spaargeld’ en ‘overig vermogen’ (alles wat géén spaargeld is). Net als nu al het geval is, zullen de forfaitaire rendementen jaarlijks worden bijgesteld op basis van de werkelijke rendementen. Bovendien komt er een vrijstelling waardoor — in elk geval bij de huidige rentestand — meer dan vier ton spaarvermogen feitelijk van belastingen is vrijgesteld.

Addertje
Maar er zit een addertje onder het gras. Onder ‘spaargeld’ vallen namelijk alléén bankrekeningen, spaarrekeningen en deposito’s. De rest — beleggingen, vakantiehuizen, overig onroerend goed, maar ook via een familiebanklening uitgeleend vermogen, papieren schenkingen etcetera — zal straks onder ‘overig vermogen’ vallen. U wordt dus nog steeds geacht de door de overheid vastgestelde rendementen te maken, die niet per se in de buurt komen van het werkelijke voordeel.

■ vakantiehuisjes
Een echtpaar met € 61.692 aan spaargeld (de huidige vrijstelling in box 3) en een vakantiehuisje van € 250.000 dat met een hypotheek van een ton is gefinancierd, betaalt nu € 919 belasting in box 3 en straks € 3.151. Een verschil van ruim € 2.230 per jaar, waarmee het aanhouden van een vakantiehuisje ineens een stuk minder aantrekkelijk wordt.

■ familiebank
Een echtpaar met € 400.000 aan spaargeld betaalt straks geen belasting in box 3. Besluiten ze echter € 100.000 uit te lenen via de familiebank, dan kost ze dat € 1.584 aan belasting. Het voordeel van de familiebank wordt daarmee straks kleiner dan onder het huidige stelsel.

■ schenking op papier
Heeft u op papier geld geschonken aan uw kinderen? U kunt dan straks 3,03% van die papieren schenking als schuld in mindering brengen op het forfaitaire rendement dat u moet aangeven. Bij uw kinderen is echter 5,33% van de schenking belast. Bij elkaar gaat dit dus jaarlijks (5,33% – 3,03%) x 33% = 0,76% belasting kosten. Als de plannen in de huidige vorm doorgaan, is aflossen van de lening wellicht het overwegen waard.

■ beleggen
Beleggen wordt vanaf 2022 zwaarder belast, maar dat wil niet zeggen dat u maar beter kunt gaan sparen. Sparen wordt weliswaar fiscaal voordeliger, maar de rente is nagenoeg 0%. Kijk dus niet alleen naar de belasting die u betaalt, maar ook naar het rendement dat het vermogen u (na belasting) oplevert. U moet 5,33% rendement aangeven dat met 33% belast wordt. De belastingdruk is dan (5,33 x 33% =) 1,76%. Maakt u met al uw beleggingen samen méér rendement dan dit percentage, dan groeit uw vermogen nog steeds.

Calculator
Om te laten zien wat de verschillen tussen de huidige en de voorgestelde vermogensrendementsheffing concreet voor u betekenen, hebben we de huidige en de nieuwe spaartaks (uitgaande van de nu bekende gegevens) naast elkaar gezet in onze ‘Box 3-calculator 2020 en 2022’ (u vindt hem op www.fiscalert.nl ➤ calculatoren). Hiermee kunt u eenvoudig berekenen wat u in 2022 meer (of minder) betaalt.

Berekening
Laten we eens kijken wat dat betekent als u en uw fiscaal partner samen 100.000 euro aan spaargeld, 200.000 euro aan obligaties en 200.000 euro aan aandelen hebben. Het totale box 3-vermogen bedraagt dan 500.000 euro. In 2020 levert dit vermogen een belast forfaitair rendement op van 14.981 euro. In 2022 is dat op grond van de voorgestelde regels 20.610 euro. De te betalen belasting in box 3 stijgt dan van 4.494 euro in 2020 (0,9 procent van uw totale vermogen) naar 6.801 euro in 2022 (1,36 procent van uw totale vermogen).Vanaf 2022 betaalt u in dit voorbeeld over hetzelfde vermogen dus 0,46 procent méér belasting (2.307 euro) omdat het grootste deel daarvan wordt ingedeeld in de categorie ‘overig vermogen’ (beleggingen e.d.). Aangezien de rendementen nog steeds fictief zijn, worden de obligaties, zoals het zich nu laat aanzien, op dezelfde manier belast als uw aandelenbeleggingen.

CONCLUSIE

De door het kabinet gepresenteerde plannen zijn ‘richtinggevend’ van aard. Het is dus hoe dan ook verstandig het definitieve wetsvoorstel af te wachten voordat u actie onderneemt. Voor nu is het voldoende als u ervoor zorgt dat u flexibel bent en blijft. Denk wel een keer extra na voordat u uw box 3-vermogen steekt in zaken die u niet snel kunt liquideren. Zo kunt u — als dat nodig mocht zijn — eenvoudig aanpassingen doen in de samenstelling van dat vermogen.

2020 VS 2022

In 2020 doet het er niet toe hoe uw vermogen (spaargeld, beleggingen, etcetera) is samengesteld:

■ forfaitair rendement
van € 0 t/m € 72.797: 1,80%
van € 72.797 t/m € 1.005.572: 4,22%
méér dan € 1.005.572: 5,33%

■ vrijstelling
€ 30.846 (€ 61.692 voor fiscaal partners)

■ schulden
schulden boven een niet-aftrekbare drempel van € 3.100 per persoon worden op het box 3-vermogen in mindering gebracht

■ belastingtarief
30%

Vanaf 2022 is wèl relevant hoe uw box 3-vermogen is samengesteld*:

■ bezittingen
forfaitair rendement spaargeld: 0,09%
forfaitair rendement overig vermogen: 5,33%

■ schulden
een forfaitair percentage van 3,03% van de schuld wordt afgetrokken van het rendement in box 3

■ vrijstelling
per persoon is de eerste € 400 forfaitair rendement in box 3 onbelast; dit komt overeen met een vrijstelling van (400 ÷ 0,09% =) € 444.444 voor spaargeld en met een vrijstelling van (400 ÷ 5,33% =) € 7.504 voor overig vermogen

■ belastingtarief
33%

* indien de box 3-bezittingen vóór aftrek van schulden méér waard zijn dan € 30.846 p.p.

 

Bijgewerkt december 2019

Haal de top van de erfenis af

Bij grotere vermogens kan het voordelig zijn om grotere belaste schenkingen te doen. Weliswaar zijn de vrijstellingen van schenk- en erfbelasting niet gelijk, de tarieven zijn dat wel en dus kan schenken een forse besparing opleveren als het belaste deel van de toekomstige erfenis (het bedrag dat, na aftrek van de vrijstelling, overblijft) groter is dan zo’n € 125.000 per erflater per erfgenaam. Schenk bijvoorbeeld naast de vrijstelling het bedrag van de eerste tariefschijf van, afgerond, € 120.000. Deze € 120.000 wordt dan niet belast met 20% erfbelasting maar ‘slechts’ met 10%. En dat is toch weer een besparing van € 12.000!

Slim & voordelig schenken

Bijna iedereen kan besparen op de erfbelasting. Hoe? Door tijdens het leven een deel van het vermogen fiscaal voordelig over te dragen. En zo doet u dat het handigst!

In principe is over elke erfenis erfbelasting verschuldigd. Er zijn vrijstellingen. Voor partners en kinderen zijn die hoog (zie het kader ‘Tarieven schenk- en erfbelasting 2018’). Over het meerdere betalen ze 10 tot 20 procent erfbelasting. Is de familieband verder verwijderd of ontbreekt die, dan is de vrijstelling zeer beperkt en kan de erfbelasting oplopen tot 40 procent.

Aangezien voor de schenkbelasting dezelfde tarieven gelden als voor de erfbelasting, valt er stevig op de erfbelasting te besparen door nog tijdens het leven te schenken. En dat is dan ook voor veel mensen een belangrijke reden om dat te doen, in de wetenschap dat het maximaal benutten van de jaarlijkse schenkingsvrijstellingen in combinatie met een goed testament vaak al voldoende nalatenschapsplanning is. Uiteraard moet u er wel voor zorgen dat er genoeg overblijft voor uzelf. Dus hoe pakt u dit handig aan?

Maak elk jaar gebruik van de vrijstellingen

In 2018 mogen ouders hun kinderen jaarlijks maximaal 5.363 euro belastingvrij schenken aan elk van hun kinderen. Het bedrag geldt voor beide ouders samen, ook als ze gescheiden zijn. Voor grootouders geldt de algemene vrijstelling van 2.147 euro (samen). Het maakt niet uit hoe oud de ontvanger van de schenking is. De schenking hoeft u niet aan te geven bij de Belastingdienst en u hoeft er ook niet voor naar de notaris.

TIP: Opa’s en oma’s: door direct aan kleinkinderen te schenken, bespaart u dubbel erfbelasting. U vermijdt de erfbelasting bij uw eigen overlijden, en u slaat meteen de (in beginsel belaste) stap van schenken/erven van kind naar kleinkind over.

Geen kinderen? Wel schenken!

Als u geen kinderen heeft, kunt u ook aan (groot)ouders, broers, zussen, neven, nichten en anderen schenken. Daarvoor geldt een vrijstelling van 2.147 euro per persoon per jaar (bedrag 2018). U kunt elk jaar tot de vrijstelling belastingvrij schenken.

Schenk een ‘jubelton’

Dankzij de inmiddels fiscaal ingeburgerde hoge éénmalige schenkingsvrijstelling (de ‘jubelton’) is het mogelijk tot 100.800 euro (bedrag 2018) belastingvrij te schenken voor de eigen woning. Het mooie aan deze regeling is dat ze echt voor iedereen geldt, zolang de ontvanger (of diens echtgeno(o)t(e) of geregistreerd partner) meerderjarig maar nog geen 40 is. Handig voor (groot)ouders die aan hun (klein)kinderen willen schenken, voor tantes en ooms die aan hun nicht of neef willen schenken, maar ook voor buren en voor vrienden.

Vraag deskundig advies over de fiscale en financiële gevolgen voor schenker èn ontvanger, vóórdat u van deze mogelijkheid gebruik maakt. En lees ook het artikel ‘De jubelton onder de loep’ (FiscAlert maart 2018, jrg 24 nr 3 p.21-23, online op www.fiscalert.nl schenken & erven).

Schenk op tijd

Schenkingen die binnen 180 dagen voor het overlijden van de schenker zijn gedaan, worden door de fiscus beschouwd als verkrijging uit de nalatenschap. Het bedrag van de schenking wordt dan bij de nalatenschap opgeteld, waarna de verschuldigde erfbelasting wordt berekend volgens het toepasselijke tarief.

De ‘180-dagenregel’ geldt niet voor schenkingen die worden gedaan met een beroep op de éénmalig verhoogde vrijstelling (jubelton, verhoogde schenking van ouders naar kind). Dit biedt dus ruimte om de erfbelasting (aanzienlijk!) te verlagen.

Schenk de top eraf!

Hoewel de vrijstellingen anders zijn, wordt schenken op precies dezelfde wijze belast als erven. Schenken aan kinderen kan dus een forse besparing opleveren als het belaste deel van de toekomstige erfenis (het bedrag dat na de vrijstelling overblijft dus!) groter is dan zo’n 123.000 euro per erfgenaam. Als u naast de vrijstelling het bedrag van de eerste tariefschijf van afgerond 123.000 euro zou schenken, scheelt dat bij schenkingen aan kinderen (20 – 10 =) 10 procent, bij schenkingen aan (achter)kleinkinderen (36 – 18 =) 18 procent en bij de rest (40 – 30 =) 10 procent aan erfbelasting.

 Overweeg op papier te schenken

Houdt u het geld liever nog even in uw portemonnee maar wilt u op termijn wel vermogen overhevelen? U kunt naar de notaris voor een zogenaamde ‘schuldigerkenning uit vrijgevigheid’, ook wel ‘papieren schenking’ genoemd: het geld verlaat uw vermogen niet maar de ontvanger krijgt een vordering op u — voor later. U bent fiscaal verplicht daadwerkelijk jaarlijks rente te betalen (6 procent), anders wordt na uw overlijden alsnog erfbelasting over het bedrag geheven. De notaris is uiteraard niet gratis en vooral als u elk jaar een klein stukje van uw vermogen wilt overhevelen naar uw kinderen, wegen de kosten (rente, notaris) niet op tegen de baten. Eigenlijk is de notariële schuldigerkenning alleen het overwegen waard als u grotere bedragen wilt schenken, bijvoorbeeld de éénmalig verhoogde vrijstelling (25.731 euro in 2018). Schenken en terug lenen is een makkelijker èn goedkoper alternatief en vooral geschikt als u binnen de gewone jaarlijkse schenkingsvrijstelling blijft. U maakt het geld daadwerkelijk over aan de ontvanger — laten we aannemen uw kind. Na verloop van tijd kunt u van uw kind geld lenen. U kunt het helemaal zelf doen.

 Een goede uitvoering is essentieel. Gebruik het ‘stappenplan schenken en terug lenen’, te vinden op www.fiscalert.nl downloads.

Pas op voor box 3!

Heeft u te weinig box 3-vermogen om vermogensrendementsheffing te betalen — bijvoorbeeld omdat uw vermogen voornamelijk uit uw eigen woning bestaat — en betalen de beoogde ontvangers van een schenking wèl belasting in box 3 omdat ze méér vermogen hebben dan 30.000 euro (bedrag 2018) per fiscaal partner? Begin dan niet te vroeg met het overhevelen van vermogen, ook niet op papier.

 Dat geldt ook als u in box 3 ‘slechts’ 0,61 procent belasting betaalt en de ontvanger 1,30 procent of zelfs 1,61 procent. De besparing op de erfbelasting wordt dan al snel ongedaan gemaakt door de extra inkomstenbelasting in box 3!

Schenk herroepelijk

Stel, u heeft net een leuk bedrag geschonken en u heeft het geld onverhoopt toch zelf nodig. Of de ontvanger gaat niet goed met het geld om. Of verliest zijn baan en dreigt in de bijstand te komen waardoor hij verplicht zou kunnen worden eerst het eigen vermogen — waaronder uw schenking — op te eten. Dit is te ondervangen door bij de schenking vast te leggen dat de schenking herroepen kan worden. 

Hoe u herroepelijk kunt schenken leest u in het artikel ‘Schenken? Doe het herroepelijk!’ (FiscAlert mei 2018, jrg 24 nr 5, p.23, online op www.fiscalert.nl schenken & erven). Voor de schenkingsakte gebruikt u natuurlijk de ‘Schenkingsakte met clausules’ (downloaden op www.fiscalert.nl downloads). 

Schenk met uitsluiting

Wilt u niet dat de koude kant bij een eventuele scheiding aanspraak op de schenking kan maken? Maak dan gebruik van de ‘uitsluitingsclausule’ (ook wel ‘anti-schoonzoonbepaling’ genoemd). Een uitsluitingsclausule moet u direct bij het doen van de schenking opnemen, en bij voorkeur schriftelijk vastleggen. Vermeld op de bankoverschrijving bijvoorbeeld ‘schenking met uitsluitingsclausule (zie akte d.d. ...)’. Het met terugwerkende kracht opnemen van een uitsluitingsclausule is niet rechtsgeldig.

Lees ook het artikel ‘Uitsluitingsclausule bij schenken’ (FiscAlert mei 2017, jrg 23 nr 5, p.23, online op www.fiscalert.nl  schenken & erven). Een model-uitsluitingsclausule vindt u in de ‘Schenkingsakte met clausules’ op www.fiscalert.nl  downloads.

LET OP: Van geld dat op een gezamenlijke rekening terecht komt, is lastig aan te tonen dat het slechts één persoon toebehoort. De ontvanger van de schenking kan het bedrag dus het best op een aparte bankrekening zetten. Bij een eventuele scheiding is dan eenvoudig vast te stellen hoeveel er nog van het geld over is.

Stel tijdig een notariële volmacht op

Als u door ziekte of om andere redenen niet meer in staat bent uw (financiële) zaken zelf te regelen, is het fijn als er een notariële volmacht is. In die volmacht kunt u onder meer laten opnemen dat de gevolmachtigde (uw kind of een ander vertrouwenspersoon) in uw naam elk jaar een bedrag ter grootte van de vrijstelling (meer mag ook) kan schenken aan kinderen en/of (achter)kleinkinderen.

SCHENKEN OF LENEN?

Wilt u uw kind helpen met het kopen van een huis? Of wilt u uw kind geld geven voor aflossing van de eigenwoningschuld, afkoop van het recht van erfpacht of onderhoud of verbetering van zijn huis? U kunt natuurlijk altijd geld schenken, maar vaak is lenen fiscaal nóg voordeliger. Omdat de rente — waar de fiscus aan meebetaalt — niet voor de bank is maar binnen de familie blijft, is het in veel gevallen aantrekkelijker om juist voor de ‘familiebank’ te kiezen en het geld niet te schenken.

E I G E N  W O N I N G

Profiteer van de lage hypotheekrente

Door de huidige, historisch lage rentestand betalen veel mensen met een vaste rente teveel voor hun hypotheek. Is dat ook bij u het geval, overweeg dan over te sluiten. Zelfs als u ‘vergoedingsrente’ (de opvolger van de ‘boeterente’) moet betalen, levert oversluiten in veel gevallen voordeel op. Niet alleen omdat u bespaart op de rente, maar ook omdat u toekomstige rente naar voren haalt. Aangezien het belastingvoordeel van de hypotheekrenteaftrek de komende jaren afneemt door de verlaging van de belastingtarieven èn door de stapsgewijze beperking van het maximumtarief van naar 37% in 2023, krijgt u op deze manier méér belasting terug!

Oversluiten is voordelig als u alle kosten heeft terugverdiend vóór het verstrijken van de huidige vaste renteperiode. Vraag een pro-forma boeterenteberekening aan en laat u eventueel adviseren door een onafhankelijk adviseur. Kijk niet alleen naar uw eigen bank: oversluiten bij een andere bank kan nóg meer voordeel opleveren. Hypotheekrentes vergelijkt u op www.hypotheekrente.nl

LET OP: Oversluiten kan onvoordelig uitpakken bij een hypotheek waarbij u belastingvrij kapitaal opbouwt voor het aflossen van uw hypotheek, zoals bij (bank)spaarhypotheken. En ook als u verhuisplannen heeft, is oversluiten niet raadzaam: na een verhuizing betaalt u geen boeterente bij een nieuwe hypotheek.

Bewaar nota’s verbouwing goed

Heeft u uw eigen woning verbouwd en heeft u daarvoor geld geleend? Dan is het van belang dat u de verbouwingsnota’s en betaalbewijzen goed bewaart. Niet voor vijf jaar, maar gedurende de hele periode dat u de rente op die lening aftrekt voor de inkomstenbelasting (meestal dertig jaar). Dit is het gevolg van een recente uitspraak van de Hoge Raad (HR 19 april 2019, nr 18/03134, ECLI: NL:HR:2019:629, na te lezen op www.rechtspraak.nl).

Denk aan 2031

Heeft u een aflossingsvrije hypotheek die dateert van vóór 2001 en waarvan u de rente tot nu toe jaarlijks kon aftrekken? Realiseer u dan dat de aftrek van de rente voor deze hypotheek met ingang van 2031 verdwijnt. Wellicht is het verstandig om vanaf nu maandelijks wat extra geld te reserveren om (een deel van) de lening te zijner tijd af te lossen of de extra lasten te kunnen betalen. Op die manier voorkomt u dat uw huis in 2031 — dat is al over 12 jaar! — een blok aan uw been wordt.

Nu tot € 10.000 subsidie voor woningisolatie

Het is mogelijk om subsidie (SEEH, subsidie  energiebesparing eigen huis) aan te vragen voor woningisolatie die is uitgevoerd en betaald vanaf 15 augustus 2019. Per woning is het mogelijk om tot € 10.000 subsidie te krijgen. Op die manier kan ongeveer 20% van de kosten gesubsidieerd worden. De regeling kent wel voorwaarden. Zo moeten er minimaal 2 energiebesparende (isolerende) maatregelen worden uitgevoerd, geldt de regeling alleen voor woningen waar u zelf in woont en moeten de maatregelen uitgevoerd worden door één of meer deskundige bedrijven. De SEEH-regeling loopt vanaf 15 augustus tot en met 31 december 2020. Daarna is subsidie mogelijk via de ISDE-regeling. Voor deze regeling is een totaalbudget beschikbaar van € 84 miljoen.

Overweegt u energiebesparende maatregelen en wilt u voor deze subsidie in aanmerking komen? Lees dan eerst goed alle voorwaarden. Meer informatie, waaronder de voorwaarden en een rekentool waarmee u uw subsidie kunt berekenen, vindt u op www.rvo.nl.

S P A R E N

'Negatieve spaarrente lijkt onvermijdelijk'

Het zal niet meer lang duren voordat consumenten rente moeten gaan betalen over hun spaargeld. In een artikel in het FD leggen analisten uit waarom zij dat verwachten. Reden is de verwachte renteverlaging door de Europese Centrale Bank (ECB) volgend zomer. Op dit moment is de depositorente -0,4% en de verwachting is dat die verder zal dalen naar -0,7%. Deze rente 'krijgen' Nederlandse banken over kasgeld dat zij dagelijks overhouden en verplicht bij de ECB stallen (de rente is negatief, het kost ze dus 0,7%) . Op dit moment gaat het om bij elkaar € 138 mrd. Dat kost ze nu al € 550 miljoen rente. Het kan bijna niet anders of banken moeten die kosten gaan doorberekenen aan de consument, aldus de analisten in het FD.

Help! Sparen levert niets meer op…

Nog nooit kregen we zó weinig rente op ons spaargeld. Daarom geven we u 12 manieren om er méér uit te halen.

Veel mensen sparen voor de lange termijn om hun vermogen te laten renderen. Maar wat als grootbanken slechts drie honderdste van een procent (ja, u leest het goed!) op spaargeld geven, zoals nu het geval is? Als dat nog een tijdje zo doormoddert, schiet dat niet erg op. Sterker nog, wie spaart, teert fors in op z’n vermogen door de inflatie (gemiddeld rond de 2 procent) en de vermogensrendementsheffing in box 3. De grote vraag is dan ook: waar valt nog wèl wat te halen?

1

Overweeg een spaardeposito

Het heeft absoluut zin om uw spaarrekening(en) ten minste één keer per kwartaal kritisch tegen het licht te houden. De rente op een vrij opneembare spaarrekening bij grootbanken is zo goed als nul. Voor spaarders die het geld voor een korte periode — denk aan een jaar — niet nodig hebben, valt er nog wel wat te halen. Zo leveren de deposito’s van een jaar bij NIBC Direct momenteel 0,66% rente op en bij Yapi Kredi bank en LeasePlanbank een fractie minder, namelijk 0,65%. Bij een saldo van € 50.000 levert dat ruim € 300 op en da’s toch snel verdiend! Leg bij voorkeur niet meer dan het maximaal door het depositogarantiestelsel gegarandeerde bedrag in (€ 100.000 per rekeninghouder per bank, dus € 200.000 bij een en/of-rekening). Houd rekening met de rentebijschrijvingen, dan spaart u altijd veilig!

Hoe u de beste aanbieders vindt en waar u op moet letten, leest u in ons ‘Memorandum Veilig sparen met de hoogste rente’, te downloaden op www.fiscalert.nl downloads. Een overzicht van de actuele rentetarieven kunt u onder meer vinden op www.spaarinformatie.nl. En kijk ook eens op www.vanspaarbankveranderen.nl

2

Los dure leningen af

Heeft u naast spaargeld dure consumptieve leningen? Dat is niet handig, want u betaalt véél meer voor lenen dan u voor sparen ontvangt. Op de meeste spaarrekeningen krijgt u momenteel tussen de 0% en 0,5% rente, terwijl u voor een consumptieve lening op dit moment al snel tussen de 4% en 8% rente per jaar betaalt. Bovendien kunt u uw box 3-schulden nooit volledig wegstrepen tegen uw bank- en andere box 3-tegoeden, vanwege de drempel van € 3.100 per persoon (2019). Los daarom alle consumptieve leningen af met spaargeld. Het mes snijdt dan aan twee kanten: u bespaart èn rente èn vermogensrendementsheffing in box 3 (over de drempel).

3

Ga sparen in de BV

Speciaal voor notoire spaarders met een paar ton vrij beschikbaar spaargeld: overweeg een Spaar-BV. Spaargeld dat ondergebracht is in een Spaar-BV telt niet mee bij uw box 3-vermogen. Bijkomend voordeel: u beperkt ook de mogelijk nadelige gevolgen van de ‘vermogenstoets’ bij andere regelingen. Wacht wel even met de oprichting van de Spaar-BV tot na Prinsjesdag 2019, als bekend is hoe de regelgeving voor belastingjaar 2020 eruit ziet.

4

Kijk ook eens naar microkredieten

Wilt u meer rendement op uw spaargeld dan via een spaarrekening en tegelijkertijd iets goeds met uw geld doen? Dan kan het verstrekken van microkredieten een aantrekkelijke optie zijn. Microfinancieringsinstellingen (MFI’s), zoals het Fair Share Fund van Triodos en het Microkredietfonds van ASN dat in samenwerking met Novib werd gesticht, verstrekken kleine leningen aan mensen in ontwikkelingslanden. Beide fondsen zijn beursgenoteerd en de rendementen van de afgelopen jaren zijn gemiddeld tussen 2% en 4% op jaarbasis. Door spreiding over veel ontwikkelingslanden, veel individuele leners (het gaat om kleine bedragen) en leningen met korte looptijd lijkt het risico beperkt. Bovendien hebben fondsbeheerders inmiddels aanzienlijke ervaring opgedaan. Het blijft wel een belegging, dus in tegenstelling tot de spaarrekening is er een risico op waardedalingen, bijvoorbeeld bij politieke onrust. Via Lendahand (4 F’jes in onze rubriek Op de deurmat van april 2017) kunt u vanaf € 50 lenen aan ondernemers in opkomende economieën, zoals de Filipijnen, Colombia, Ghana, Mongolië, Zambia of India. Met microkrediet helpt u iemand anders met het opbouwen van een toekomst en krijgt u zelf in veel gevallen extra rendement op uw spaargeld. Meer informatie op www.lendahand.com

Past dit bij u? Beleg dan een beperkt deel van uw totale vrij beschikbare vermogen in microfinancieringen.

5

Richt een familiebank op

Help uw kind bij de financiering van een woning door het oprichten van een ‘familiebank’. Op die manier creëert u een win-win-winsituatie: uw spaargeld levert flink meer op dan bij de bank en de fiscus betaalt mee! Bovendien is de familiebanklening in veel gevallen fiscaal (en dus ook financieel) een stuk voordeliger dan geld schenken.

Wilt u meer weten over deze handige ‘fiscale truc’? U vindt alle informatie op www.fiscalert.nl (zoeken op ‘familiebank’).

6

Overweeg een ondernemersbank

Het principe van de familiebanklening kan ook interessant zijn als het geld wordt uitgeleend aan een ondernemer. Dat kent andere risico’s dan lenen voor de eigen woning, dus beoordeel (van tevoren!) of het uitlenen van geld aan een ondernemer past bij uw risicoprofiel. Door een ‘ondernemersbank’ op te richten en uw spaargeld aan de onderneming van bijvoorbeeld uw kind uit te lenen, gaat die winst niet naar de bank maar blijft het binnen de familiekring. U krijgt als geldverstrekker een hogere rente op uw spaargeld dan bij de bank. En de betaalde rente is aftrekbaar van de winst van de onderneming, dus feitelijk betaalt de fiscus mee. Uiteraard zorgt u er wel voor dat lening en rente zakelijk zijn en dat de leningsovereenkomst onder gebruikelijke voorwaarden wordt afgesloten.

Meer informatie in het artikel ‘De FiscAlert Ondernemersbank’ (FiscAlert december 2016, jrg 22 nr 10, p.22-23, online op www.fiscalert.nl fiscaal).

7

Investeer in uw eigen huis

U kunt een deel van uw spaargeld ook investeren in de verbetering of het onderhoud van uw woonhuis. Of een schilderbeurt van de gevel. Het geld heeft u dan weliswaar uitgegeven en u krijgt er ook geen rente meer over, maar daar staat woongenot (en doorgaans een waardestijging van uw woning) tegenover. Denk ook aan zaken die zichzelf in de loop der jaren terugverdienen door een lagere energierekening, zoals de aanschaf van zonnepanelen, dubbel glas en vloer-, dak- en spouwmuurisolatie. Op www.milieucentraal.nl kunt u zien wat het oplevert. Uw huis krijgt ook nog eens een energiezuinig(er) label, en ook dat kan de waarde van uw woning verhogen.

8

Stort extra geld in uw (bank)spaarhypotheek

Nu worden we allemaal geacht onze hypotheek ten minste annuïtair af te lossen, maar vóór 1 januari 2013 was de (bank)spaarhypotheek de meest afgesloten hypotheekvariant. Deze manier van financieren heeft als voordeel dat de einduitkering gegarandeerd is en dat de hypotheekrente is gekoppeld aan de hoogte van de spaarrente in de spaarpolis. Daarbij geldt het principe: hoe hoger de hypotheekrente, des te lager de spaarpremie (bij een hoge rente gaat de vermogensopbouw tenslotte sneller). Is uw huis op die manier gefinancierd en heeft u veel spaargeld? Een extra storting kan de moeite waard kan zijn. U profiteert van de hogere rente op deze belastingvrije geblokkeerde spaarrekening, uw maandelijkse lasten nemen af en/of de looptijd wordt verkort. Tegelijk bespaart u belasting omdat uw box 3-vermogen naar box 1 verhuist. Bespreek de mogelijkheden eens met uw bank.

9

Los uw hypotheek af

Als de hypotheek u netto meer kost dan uw spaargeld oplevert, is het soms lonend om uw aflossingsvrije of annuïtaire hypotheek af te lossen. De lage spaarrentetarieven van dit moment zouden dus een aanleiding kunnen zijn om uw eigen situatie eens onder de loep te nemen. Met onze calculator ‘Hypotheek aflossen 2019’ (www.fiscalert.nl calculatoren) kunt u uitrekenen hoeveel het (deels) aflossen van de hypotheek u oplevert. De calculator houdt rekening met de te betalen hypotheekrente, de ontvangen rente over spaargeld, de belastingheffing in box 3 en het eigenwoningforfait. Maak de vergelijking met de rente van een deposito met een looptijd die overeenkomt met de rentevastperiode van uw hypotheek. Bespreek een voornemen om af te lossen altijd met een financieel adviseur. Of bel de Adviesservice van FiscAlert.

LET OP: U kunt pas weer bij uw geld zodra u uw huis heeft verkocht en verhuisd bent naar een huurwoning of een goedkopere koopwoning. Stop daarom geen geld in een woning dat u in de toekomst nog nodig denkt te hebben, zeker niet nu de hypotheekrente historisch laag is!

10

Vul uw pensioen aan

Heeft u aantoonbaar pensioentekort? Om uw pensioen te zijner tijd aan te kunnen vullen, mag u een aftrekbaar bedrag voor een lijfrente opzij zetten. Dat is aantrekkelijk als de toekomstige uitkeringen tegen een lager inkomstenbelastingtarief zullen worden belast dan het tarief waartegen de premies nu worden afgetrokken. En het mooie is dat het kapitaal niet in box 3 zit, waardoor het buiten de jaarlijkse vermogensrendementsheffing valt. Hoeveel u maximaal kunt aftrekken, hangt af van uw jaar- en reserveringsruimte. U kunt die berekenen op www.belastingdienst.nl/rekenhulpen/lijfrentepremie. Bovendien kan via banksparen veel meer worden opgebouwd dan via sparen in privé (dat wordt in box 3 belast). Vergelijk de aanbieders op www.123lijfrente.nl en www.moneywise.nl. Voor een beleggingsvariant (ook in de index) kunt u bijvoorbeeld terecht bij DeGiro en Brand New Day.

Het bedrag dat u in de belastingaangifte over 2019 wilt aftrekken, moet uiterlijk op 31 december 2019 bij uw bank of verzekeraar zijn bijgeschreven.

11

Ga beleggen

De meeste mensen doen aan sparen èn beleggen. Het rendement is natuurlijk afhankelijk van de verhouding tussen beide en dat geldt ook voor het risico. Heeft u flink wat spaargeld en kunt u wat meer risico lopen met uw vermogen? Overweeg dan wat meer naar de beleggingskant te schuiven. Maar bepaal wel altijd eerst uw persoonlijke risicoprofiel, want het ene beleggingsdoel vereist wat meer voorzichtigheid dan het andere. Waar heeft u het geld straks voor nodig? Uw pensioen, de studie van de kinderen of zomaar? En wat is uw beleggingshorizon? Hoe korter de horizon, hoe terughoudender u moet zijn met beleggen. Heeft u beleggingservaring en, niet onbelangrijk, ligt u — of, erger nog, uw wederhelft — wakker van dalende koersen? Kortom, doe eerst de risicoprofieltest op www.fiscalert.nl calculatoren).

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat beleggen in individuele aandelen, actief handelen en vermogensbeheer ten koste gaan van het rendement. Beleg daarom liever passief in een combinatie van goed gespreide beleggingsfondsen en aandelenindextrackers. Lees ons ‘Stappenplan Beleggen’ (FiscAlert december 2017, jrg 23 nr 10, p.18-19, online op www.fiscalert.nl sparen & beleggen).

12

Creëer waarde (in uzelf)

Een belangrijke tip van superbelegger Warren Buffett: de beste investering is een investering in jezelf. Warren Buffett — inmiddels 89 — leert nog iedere dag bij. Creëer dus waarde voor uzelf door cursussen, opleidingen en bijscholing voor een beroep te volgen. U zult zien dat het loont!

Fiscaal heeft het ook zin, althans: dit jaar nog. Het ziet ernaar uit dat de aftrek van studiekosten (‘scholingsuitgaven’) per 2020 wordt afgeschaft en vervangen door een waarschijnlijk minder gunstige subsidieregeling. Betaal daarom zoveel mogelijk scholingsuitgaven in 2019!

 


Sitemap: